Naar hoofdinhoud
Iemand komt in aanmerking voor beschermd wonen als er sprake is van psychische en of psychosociale problematiek, waarbij een beschermde woonomgeving noodzakelijk is. Het gaat dan om mensen die (nog) niet geheel zelfstandig kunnen wonen en functioneren binnen de maatschappij. Ook niet met geplande en ongeplande (intensieve) ambulante ondersteuning. Het gaat om inwoners met meestal psychiatrische problemen, eventueel gecombineerd met verslavingsproblemen, die: klinisch zijn uitbehandeld of waarbij behandeling gericht is op stabilisatie en de behandeling niet meer op de voorgrond staat, (nog) niet zelfstandig kunnen wonen, gemotiveerd zijn en openstaan voor een begeleidings-/ontwikkeltraject dat – rekening houdend met de persoonlijke mogelijkheden – gericht is op het bereiken van een situatie waarin zij de mogelijkheid krijgen om (zo snel mogelijk) weer zelfstandig te functioneren in de maatschappij én 18 jaar of ouder zijn (uitzonderingen hierop moeten stevig onderbouwd zijn). Het kan ook gaan om inwoners die een (licht) verstandelijke beperking hebben (soms met kinderen). Of het gaat om inwoners die: tijdelijk een dringende behoefte hebben aan een vorm van 24-uurstoezicht en -begeleiding en die niet in aanmerking komen voor de Wet langdurige zorg (Wlz). Dit komt doordat niet aantoonbaar is dat de voorziening levenslang noodzakelijk is of omdat de inwoner om een andere reden geen Wlz-indicatie krijgt. tijdelijk niet genoeg hebben aan de maximale inzet van ambulante begeleiding, dagbesteding, mantelzorg en andere informele ondersteuning uit de Wmo. De aandoening speelt daarbij geen rol.

Rechtspraak bij dit artikel