Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 3.

Artikel 4.

Toegang jeugdhulp via de gemeente

Onderdeel van Verordening jeugdhulp gemeente Westerkwartier 2026

1.. Jeugdigen en ouders kunnen met hun hulpvraag terecht bij het college. Als de jeugdige en/of zijn ouders/verzorgers daar om vragen, zorgt het college voor ondersteuning bij het verkennen of ophelderen van de hulpvraag. 2.. Het eerste contact over de hulpvraag als bedoeld in het eerste lid kan worden aangemerkt als een aanvraag in de zin van de Algemene wet bestuursrecht indien dit contact aanleiding geeft tot een onderzoek als bedoeld in artikel 5 van de verordening. 3.. Een aanvraag voor een individuele voorziening wordt in beginsel schriftelijk (brief/e-mail) ingediend bij het college. Een telefonische aanmelding wordt schriftelijk vastgelegd. 4.. Het college kan een ondertekend familiegroepsplan aanmerken als een aanvraag als dit door de jeugdige en/of zijn ouders/verzorgers daarop is aangegeven. 5.. Als een jeugdige of zijn ouder(s) dan wel zijn wettelijk vertegenwoordiger jeugdhulp zelf wenst in te kopen met een pgb, dient hij daartoe een pgb-plan in als bedoeld in artikel 14. Een door de jeugdige of zijn ouder(s) dan wel zijn wettelijk vertegenwoordiger ondertekend pgb-plan wordt aangemerkt als aanvraag voor een pgb. 7.. Het college neemt het besluit op een aanvraag uiterlijk binnen tien weken na ontvangst van de aanvraag. Deze termijn kan in voorkomende gevallen overeenkomstig artikel 4:15 van de Algemene wet bestuursrecht worden opgeschort. 8.. Het college legt het besluit op een aanvraag voor een individuele voorziening vast in een beschikking. 9.. In spoedeisende gevallen treft het college zo spoedig mogelijk een passende individuele voorziening. Het college legt de beslissing omtrent de inzet van spoedeisende hulp in dat geval zo snel mogelijk, maar in ieder geval binnen vier weken na de start van de hulp, vast in een beschikking.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel