In deze beleidsregels en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
wet: de Participatiewet;
vermogen: onder vermogen wordt verstaan hetgeen is opgenomen in artikel 34, eerste lid, onderdelen a en b, van de wet, met inachtneming van de uitzonderingen zoals genoemd in artikel 34, tweede lid;
vermogensgrens: de vermogensgrens zoals bedoeld in artikel 34, derde lid, van de wet;
overige financiële rekeningen: overige geregistreerde banktegoeden, zoals: Paypall, Revolut en Bunq;
RDW: Rijkdienst voor wegverkeer;
voertuig: een bij de RDW geregistreerd voertuig, met uitzondering van scooters (niet zijnde motorscooters) en brommers;
economische waarde voertuigen: de waarde vastgesteld aan de hand van de ANWB koerslijst (verkoop door particulier) en indien dat niet mogelijk is, de waarde op basis van een tweetal websites waarop vergelijkbare voertuigen te koop worden aangeboden;
economische waarde caravans of boten; de waarde vastgesteld op basis van een tweetal websites waarop caravans of boten te koop worden aangeboden;
Oldtimer: een voertuig dat 40 jaar of ouder is.
Alle andere begrippen die in deze beleidsregels worden gebruikt en die hierboven niet nader zijn omschreven hebben dezelfde betekenis als in de wet, de Algemene wet bestuursrecht, alsmede andere wet- en regelgeving.
Artikel 1.
Begripsbepaling
Onderdeel van Beleidsregels vermogensvaststelling Participatiewet Maastricht-Heuvelland 2026 e.v.