In de volgende gevallen is in ieder geval sprake van een uitzonderingssituatie zoals bedoeld in artikel 3, eerste lid, van deze beleidsregel:
de te subsidiëren activiteit behoort tot de wettelijke taak van de gegadigde;
de uitvoering van de te subsidiëren activiteit uitsluitend mogelijk is met gebruik van een goed dat eigendom is van de gegadigde of waarover de gegadigde als enige zeggenschap heeft;
aannemelijk is dat de uitvoering van de te subsidiëren activiteit uitsluitend door de gegadigde kan plaatsvinden, omdat deze als enige aantoonbaar beschikt over:
unieke en specialistische kennis of een unieke methodiek;
een uniek netwerk of een uniek platform;
de vereiste certificaten, keurmerken of andere kwaliteitsverklaringen;
de noodzakelijke vergunning(en);
de noodzakelijke contractuele betrekkingen; of
de noodzakelijke governance-structuur;
in het kader van een specifieke uitkering (SPUK) van het Rijk aan de provincie Utrecht al is bepaald wie de subsidieontvanger is en onder welke voorwaarden die wordt verstrekt;
Artikel 4