Naar hoofdinhoud

Artikel 10

Uitzettingen

Onderdeel van Treasurystatuut gemeente Geldrop-Mierlo 2026

Bij uitzettingen bestaat er een onderscheid in uitzettingen uit hoofde van de publieke taak en uitzetting van overtollige financiële middelen. 10.1 Uitzettingen en garanties uit hoofde van de publieke taak Voor uitzettingen en garanties uit hoofde van de publieke taak gelden de volgende specifieke uit-gangspunten en richtlijnen: Het college mag leningen of garanties1 De subsidietitel (artikel 4:21 Algemene wet bestuursrecht) is van toepassing op subsidies waarbij niet daadwerkelijk geld wordt uitgekeerd, bijvoorbeeld als de overheid rente en aflossing van een door een bank aan een derde verstrekt krediet garandeert. Een dergelijke subsidieverhouding eindigt als de derde zijn verplichtingen nakomt, zonder dat er daadwerkelijk geld wordt uitgekeerd. Een garantie is in de systematiek van de subsidietitel een subsidieverlening onder de opschortende voorwaarde dat zich een onzekere gebeurtenis voordoet. Kredietverlening door de overheid valt in het beginsel onder de aanspraak op financiële middelen (MvT bij derde tranche Awb, Kamerstukken II 1993/94, 23700, 3, p. 32). verstrekken en/of participaties hebben vanuit zijn publieke taak; Het college bepaalt of een garantie/participatie tot de publieke taak behoort. Het college neemt geen besluit dan nadat de raad zijn wensen en bedenkingen ter zake ter kennis van het college heeft kunnen brengen; Indien van toepassing wordt bij het afgeven van garanties gebruikt gemaakt van de be-staande waarborgfondsen, zoals het Waarborgfonds Sociale Woningbouw, de Stichting Waar¬borgfonds Sport en het Waarborgfonds voor de zorgsector; Uitgangspunt is dat bij de financiering passende hypothecaire en/of secundaire zekerheden worden gevestigd. 10.2Uitzetting van overtollige financiële middelen Overtollige financiële middelen worden alleen uitgezet bij het Ministerie van Financiën en financiële instellingen volgens onderstaande uitgangspunten: Overtollige financiële middelen vanaf het drempelbedrag, als opgenomen in de ‘Regeling schatkistbankieren decentrale overheden’, moeten worden aangehouden bij het Agentschap van het Ministerie van Financiën, het zogenaamde schatkistbankieren. Het schatkistbankieren wordt door de huisbankier automatisch verzorgd. Tot aan het drempelbedrag kunnen overtollige financiële middelen worden uitgezet bij financiële instellingen, die voldaan aan de voorwaarden vermeld in artikel 5, en/of bij het Ministerie van Financiën.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel