Naar hoofdinhoud
Het college verleent, voor zover de daartoe bestemde ruimte van de begraafplaatsen dat toelaat, de volgende uitsluitende rechten: het recht op een particulier graf voor een termijn van 20 jaar; het recht op een particulier kindergraf voor een termijn van 40 jaar; het recht op een particuliere urnennis of particulier urnengraf voor een termijn van 5, 10, 15 of 20 jaar; het recht op het plaatsen van een gedenkblaadje aan de gedenkboon voor een termijn van vijf jaar. In lid 1a, 1b en 1c van dit artikel bedoelde recht kan op aanvraag van de rechthebbende worden verlengd telkens met een termijn van 5, 10, 15 of 20 jaar. In lid 1d van dit artikel bedoelde recht kan op aanvraag van de rechthebbende worden verlengd telkens een termijn van 5 jaar. Algemene graven worden ter beschikking gesteld voor een termijn van 15 jaar. Deze termijn kan niet worden verlengd. Het in het eerste en tweede lid bedoelde grafrecht wordt door het college schriftelijk bevestigd door middel van een grafakte.

Rechtspraak bij dit artikel