Naar hoofdinhoud

Artikel 10

Begrotingscriterium

Onderdeel van Verordening financieel beleid, beheer en organisatie Wierden 2026

1.. Het begrotingscriterium is een criterium van rechtmatigheid dat betrekking heeft op de grenzen van de baten en lasten in de door de raad geautoriseerde begroting van exploitatie en investeringsbudgetten en de hiermee samenhangende programma’s, waarbinnen de financiële beheershandelingen tot stand moeten zijn gekomen; 2.. De begrotingsrechtmatigheid wordt beoordeeld op het niveau waarop de begroting door de raad is geautoriseerd, zoals is opgenomen in artikel 5. 3.. Bij investeringsprojecten wordt de begrotingsrechtmatigheid beoordeeld op het niveau van het totaal gevoteerde budgetbedrag. Een overschrijding van het jaarbudget, passend binnen het totaal bedrag van het budget, wordt daarmee als rechtmatig beschouwd. 4.. Uitgangspunt is dat iedere afwijking van de begroting als onrechtmatig wordt beschouwd. Afwijkingen worden als acceptabel aangemerkt in de volgende situaties: Er is sprake van een overschrijding waarbij direct gerelateerde inkomsten de overschrijding compenseren. Er is sprake van een overschrijding op een open-einde regeling. De afwijking is geautoriseerd door middel van de vaststelling van een tussentijdse rapportage. Indien het een afwijking betreft die zich na het opstellen van de tussentijdse rapportage heeft geopenbaard en deze tijdig is gemeld. Tijdig definiëren wij als toegelicht in de jaarstukken. 5.. Begrotingsonrechtmatigheden die passen binnen het bestaande beleid van de raad, worden opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording (voor zover de verantwoordingsgrens voor fouten en onduidelijkheden tezamen is overschreden), en worden niet nader toegelicht in de paragraaf bedrijfsvoering. Hiermee is de overschrijding rechtmatig.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel