Naar hoofdinhoud
1.. Het college kan in de gebiedsaanwijzing voorschriften meegeven, ten behoeve van een alternatieve wijze voor het verwerken van hemelwater, die van toepassing zijn bij het afkoppelen bij bestaande bouwwerken als bedoeld in artikel 3 lid 2 en 3. 2.. Indien er geen specifieke voorschriften zijn gegeven in een gebiedsaanwijzing met betrekking tot bouwwerken als bedoeld in artikel 3 lid 2, dan geldt ten minste dat een verboden aansluiting op de mechanische riolering moet worden afgekoppeld en het hemelwater op een alternatieve wijze moet worden verwerkt. Daarbij kan de eigenaar overeenkomstig artikel 4 handelen, maar moet ten minste worden geloosd op het oppervlaktewater. 3.. Zodra een uit een gebiedsaanwijzing voortvloeiend verbod ten behoeve van een situatie als bedoeld in artikel 3 lid 2 van kracht is, zal een eigenaar van een perceel, behoudens artikel 2 lid 4 van de verordening, onmiddellijk volgens deze beleidsregels en/of voorschriften uit de gebiedsaanwijzing moeten handelen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel