Tenzij het Rechtspositiebesluit of de Rechtspositieregeling anders bepalen, vindt de betaling van kosten die op grond van deze verordening voor vergoeding of tegemoetkoming in aanmerking komen plaats door:
betaling uit gemeentelijke middelen, op basis van een rechtstreeks aan de gemeente toegezonden factuur, of
betaling vooruit uit eigen middelen.
Een verzoek om een vergoeding van de onkosten als bedoeld in dit artikel gaat vergezeld van een declaratieformulier en één of meer bewijsstukken.
Het declaratieformulier en de bewijsstukken als bedoeld in het tweede lid worden zo spoedig mogelijk en uiterlijk binnen twee maanden na factuurdatum of betaling door raads- of commissieleden ingediend bij de griffier.
4. Het vereiste om een bewijsstuk te overleggen als bedoeld in het tweede lid geldt niet wanneer de vergoeding een forfaitair bedrag betreft.
Voor zover van toepassing draagt de gemeente er zorg voor dat de betaling aan een raads- of commissielid binnen een maand na het ontvangen van een compleet verzoek plaatsvindt.
Artikel 7.