Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 3: › Paragraaf

Artikel 6:

Samenstelling, plaatsvervanging en zittingsduur

Onderdeel van Gemeenschappelijke regeling RID Utrecht”.

1. Het algemeen bestuur van de RID bestaat uit 8 leden 2. De deelnemers wijzen elk uit hun midden één lid en een plaatsvervangend lid aan. 3. De bepalingen voor de leden van het algemeen bestuur zijn van overeenkomstige toepassing op hun plaatsvervangers. 4. Het algemeen bestuur wijst uit zijn midden een voorzitter alsmede diens plaatsvervanger aan. De deelnemer, uit wiens midden de voorzitter afkomstig is, mag een tweede lid in het algemeen bestuur aanwijzen. Dit lid kan niet tevens een plaatsvervangend lid, als bedoeld in het tweede lid zijn. Voor het tweede lid wordt tevens een plaatsvervangend lid aangewezen. De voorzitter is tevens voorzitter van het dagelijks bestuur. 5. De leden van het algemeen bestuur hebben, onverminderd het bepaalde in de leden 6 tot en met 11, zitting gedurende de zittingsduur van de gemeenteraad. 6. De leden van het algemeen bestuur treden af op de dag waarop de leden van de raden van de gemeenten aftreden. Zij blijven hun functie waarnemen tot het moment dat de deelnemers nieuwe leden voor het algemeen bestuur hebben aangewezen. 7. Een lid dat tussentijds ophoudt lid van het college van burgemeester en wethouders, dan wel van het dagelijks bestuur van de RDWI te zijn, houdt daarmee tevens op lid te zijn van het algemeen bestuur. 8. Een lid van het algemeen bestuur kan te allen tijden ontslag nemen. 9. Het lid dat ter vervulling van een tussentijdse vacature als lid van het algemeen bestuur wordt benoemd, treedt af op het tijdstip waarop degene in wiens of wier plaats dit lid is benoemd, zou hebben moeten aftreden. 10. Het lid van het algemeen bestuur dat tussentijds ontslag neemt, stelt de voorzitter alsmede het bestuur van de deelnemer dat deze heeft aangewezen hiervan schriftelijk op de hoogte. Het ontslag is onherroepelijk. 11. Een lid van het algemeen bestuur dat ontslag heeft genomen, wordt vervangen door een plaatsvervanger, totdat een nieuw lid voor het algemeen bestuur is benoemd. 12. De aanwijzing voor de vervulling van plaatsen die zijn opengevallen door het college van burgemeester en wethouders die het aangaat, of het dagelijks bestuur van de RDWI vindt binnen twee maanden plaats.

Rechtspraak bij dit artikel