1. Het algemeen bestuur stelt een reglement van orde voor zijn vergaderingen vast.
2. Het algemeen bestuur vergadert zo vaak als hij daartoe heeft besloten, maar minimaal twee keer per jaar en verder zo dikwijls als de voorzitter dit nodig acht of ten minste twee leden van het algemeen bestuur dit verzoeken (onder schriftelijke opgave van de te behandelen onderwerpen).
3. In het laatste geval vindt de vergadering binnen twee weken plaats.
4. De voorzitter roept de leden schriftelijk tot de vergadering op.
5. Tegelijkertijd met de oproep brengt de voorzitter dag, tijdstip en plaats van de vergadering ter openbare kennis. De agenda en de daarbij behorende voorstellen, met uitzondering van de, genoemde stukken waaromtrent geheimhouding is opgelegd, worden tegelijkertijd met de oproep en op een bij de openbare kennisgeving aan te geven wijze ter inzage gelegd. Op de vergaderingen van het algemeen bestuur zijn de artikelen 22 en 23 van de wet van toepassing.
6. Elk lid van het algemeen bestuur heeft een stemgewicht van twee. Behalve de leden aangewezen door de deelnemer waaruit de voorzitter afkomstig is, hebben een stemgewicht van één.
7. De vergaderingen van het algemeen bestuur zijn openbaar.
8. De deuren worden gesloten wanneer een vijfde deel van de aanwezige leden daarom verzoekt of de voorzitter het nodig oordeelt.
9. Het algemeen bestuur beslist vervolgens of met gesloten deuren wordt vergaderd.
HOOFDSTUK 3: › Paragraaf
Artikel 8:
Werkwijze
Onderdeel van Gemeenschappelijke regeling RID Utrecht”.