Als het openbaar vervoer, collectief vervoer en/of andere vervoersvoorzieningen niet als adequate compenserende voorziening gezien kunnen worden, kan het college een financiële tegemoetkoming voor een autoaanpassing verstrekken. Of een aangepaste auto of bus nodig is, hangt af van de (combinatie van de) medische, sociale en functionele situatie van de inwoner. Daarom vraagt het college hiervoor veelal een medisch advies.
In artikel 18 lid 2, sub c van de Verordening staan een aantal kaders voor de financiële tegemoetkoming voor een autoaanpassing. Daarnaast stelt het college extra voorwaarden voor de uitvoering:
Een autoaanpassing wordt aangebracht op een eigen auto als deze alleen maar gebruikt kan worden als deze wordt aangepast;
De auto moet technisch in goede staat zijn, aan te tonen door de inwoner;
De auto mag niet ouder zijn dan 7 jaar. Het college verstrekt geen autoaanpassing voor auto’s ouder dan 7 jaar;
Aanpassingen aan de auto moeten functioneel noodzakelijk zijn voor mensen met een beperking en niet algemeen gebruikelijk of standaard ingebouwd zijn, zoals rem- of stuurbekrachtiging, airconditioning, airbags, etc.;
De aanpassingen zijn noodzakelijk voor de inwoner met beperkingen en moeten alleen door hem/haar gebruikt worden;
Als een aanpassing aan de eigen auto wordt toegekend, gebeurt dit in de vorm van een financiële tegemoetkoming;
Het halen van een rijbewijs is algemeen gebruikelijk; de kosten van rijlessen worden daarom niet vergoed;
De inwoner is in het bezit van een geldig rijbewijs welke is voorzien van de door het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) vastgestelde beperkende bepalingen als er een noodzaak is om de bediening en besturing van de auto aan te passen;
Wanneer de inwoner met beperkingen voor de eigen auto kiest, terwijl adequate, goedkopere alternatieven beschikbaar zijn, dan is dat zijn/haar keus voor een duurdere oplossing. Indien dan vervolgens de keuze ook het aanbrengen van aanpassingen impliceert, moet de inwoner die voor eigen rekening nemen;
De inwoner is verantwoordelijk voor de verzekering en het onderhoud en reparatie van de aangepaste auto.
Het college kan een vergoeding voor een speciale autostoel verstrekken als:
een autostoel niet als voornaamste doel heeft de zithouding te verbeteren;
de stoel niet normaal in de handel verkrijgbaar is;
de inwoner al klachten krijgt na het rijden van enkele kilometers of binnen een kwartier;
de aanschaf van de stoel niet uit preventief oogpunt gedaan wordt;
de inwoner met beperkingen, bij de aankoop van de auto, rekening heeft gehouden met zijn/haar beperkingen en het noodzakelijke zitcomfort;
er geen andere hulpmiddelen zijn om de stoel adequaat te maken voor de korte en middellange afstand.
Hoofdstuk 6 › Paragraaf 6.3
Artikel 6.3.3
Autoaanpassing
Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning gemeente Zevenaar 2026