Het college verleent medewerking aan een aanvraag voor een BOPA, voor een bijwoning met zelfstandige voorzieningen, indien voldaan wordt aan de volgende voorwaarden:
er is sprake van een familiaire verwantschap tussen de toekomstige gebruiker(s) van de bijwoning en de bewoners van het hoofdpand;
de bijwoning met zelfstandige voorzieningen:
beschikt over minimaal één eigen parkeerplaats op het perceel. Deze parkeerplaats is aanvullend ten opzichte van de bestaande parkeerplaats(en) bij de hoofdwoning/bedrijfswoning;
voldoet aan de maximale bebouwingspercentages zoals opgenomen in het omgevingsplan voor de betreffende locatie;
wordt gerealiseerd middels geconcentreerd en geclusterd bouwen, waarbij de afstand tot het hoofdgebouw minder dan 25 meter bedraagt. Daarnaast moet de bijwoning met zelfstandige voorzieningen stedenbouwkundig worden getoetst;
in zijn geheel of in delen verplaatsbaar, tenzij in bestaande bebouwing gerealiseerd of in een gebouw dat nog kan worden gebouwd op basis van de bouwmogelijkheden van het omgevingsplan;
wordt volgens de erfbebouwingsmogelijkheden in het omgevingsplan gebouwd, waarbij in specifieke gevallen hiervan kan worden afgeweken, zoals bij gebruik van bestaande bebouwing of kleine percelen;
kan gebruikt worden door minder validen;
bevat geen balkon of dakterras;
heeft de woonfunctie op de begane grond, met de mogelijkheid voor opslag;
voldoet aan de technische bouwregels voor een mantelzorgwoning in het Bbl;
de aanvrager voert een omgevingsdialoog met de buren en doet hiervan verslag bij de omgevingsvergunningaanvraag;
de bewoners van de bijwoning staan op het adres van de bijwoning ingeschreven in de Basisregistratie Personen (BRP). Daarnaast wordt de bijwoning geregistreerd in de Basisregistratie Adressen en Gebouwen (BAG). De initiatiefnemer van de bijwoning met zelfstandige voorzieningen vraagt dit aan;
er moet sprake zijn van een evenwichtige toedeling van functies aan de locatie;
er mag geen sprake zijn van een verstoring van de openbare orde, veiligheid of gezondheid, dan wel een verstoring van een geordend woon- en leefmilieu in de omgeving van het gebouw waarop de vergunning betrekking heeft. Dit betekent ook dat de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende percelen niet onevenredig mogen worden beperkt;
nadere eisen: burgemeester en wethouders zijn bevoegd om, met inachtneming van de regels en het bepaalde in artikel 4 en 5, nadere eisen te stellen aan:
de bouw- en goothoogte van bouwwerken;
de afmetingen van bouwwerken;
de situering van bouwwerken;
het aantal en de situering van parkeerplaatsen.
Artikel 6
Medewerking
Onderdeel van Beleidsregel bijwonen met zelfstandige voorzieningen 2025 gemeente Voorne aan Zee