Het college kan een eenmalige subsidie verlenen voor het treffen van de volgende fysieke gebouwgebonden voorzieningen in het in artikel 2.1, eerste lid, bepaalde gebied:
In een wooncomplex, welke daardoor -ten dele- aardgasvrij wordt:
een collectieve gasgestookte ruimteverwarmingsinstallatie omzetten naar een aardgasvrije (subsidie bedraagt maximaal € 1.500 per woning);
een collectieve gasgestookte ruimteverwarmingsinstallatie omzetten naar een hybride systeem (subsidie bedraagt maximaal € 750 per woning);
een collectieve gasgestookte tapwaterinstallatie omzetten naar een aardgasvrije (subsidie bedraagt maximaal € 500 per woning).
In een bestaande woning:
Isoleren
HR++ glas met een Ug-waarde ≤ 1,2 (W/m2K) (de subsidie bedraagt € 25 per m2 met een maximum van € 1.000);
triple glas met een Ug-waarde ≤ 0,7 (W/m2K) inclusief kozijnen met Uf-waarde ≤ 1,5 (W/m2K) (de subsidie bedraagt € 110 per m2 met een maximum van € 2.000);
vacuümglas met een Ug-waarde ≤ 0,7 (W/m2K) (de subsidie bedraagt € 110 per m² met een maximum van € 2.000);
dakisolatie met een Rd-waarde ≥ 3,5 (m2K/W) (de subsidie bedraagt € 16 per m² met een maximum van € 1.500);
isolerende voorzetwanden met een Rd-waarde ≥ 2,5 (m2K/W) (de subsidie bedraagt € 20 per m² met een maximum van € 1.500);
bodemisolatie met een Rd-waarde ≥ 3,5 (m2K/W) (de subsidie bedraagt € 3 per m² met een maximum van € 300);
vloerisolatie met een Rd-waarde ≥ 3,5 (m2K/W) (de subsidie bedraagt € 6 per m² met een maximum van € 500).
Let op: Plaatst u Triple glas (b), maar laat u uw kozijnen niet vervangen? Dan komt u niet in aanmerking voor het subsidiebedrag van Triple glas.
Let op: Bodemisolatie (f) en vloerisolatie (g) kunnen niet beiden worden aangevraagd voor dezelfde woning. Er kan slechts voor één van deze opties subsidie worden verleend.
Ventileren
vraaggestuurde balansventilatie met WTW (sturing op basis van luchtvochtigheid en/of CO2) (de subsidie bedraagt 30% van de totale factuurkosten met een maximum van € 1.000).
Duurzaam verwarmen en koelen
geïntegreerde douche-warmteterugwinning (WTW) (de subsidie bedraagt maximaal € 100);
zonneboilersysteem (de subsidie bedraagt 30% van de totale factuurkosten met een maximum van € 900);
warmtepompboiler (de subsidie bedraagt 30% van de totale factuurkosten met een maximum van € 300).
bodem-water warmtepompsysteem - waardoor de woning aardgasvrij wordt – met een GWP ≤ 3 (de subsidie bedraagt 30% van de totale factuurkosten met een maximum van € 2.000);
hybride warmtepompsysteem met een GWP ≤ 675 (de subsidie bedraagt 30% van de totale factuurkosten met een maximum van € 750);
lucht-water warmtepompsysteem - waardoor de woning aardgasvrij wordt – met een GWP ≤ 3 (de subsidie bedraagt 30% van de totale factuurkosten met een maximum van € 1.500);
lage temperatuur watervoerende vloerverwarming (de subsidie bedraagt 30% van de totale factuurkosten met een maximum van € 500);
lage temperatuur convectoren of radiatoren (de subsidie bedraagt 30% van de totale factuurkosten met een maximum van € 500);
aansluiting van de woning of het appartement op een warmtenet, inclusief de kosten voor de afleverset en de noodzakelijke binnenhuisaanpassingen tot aan de aansluiting op de woninginstallatie, mits de aansluiting leidt tot het volledig afsluiten van de gasaansluiting van de woning of het appartement (de subsidie bedraagt 30% van de totale aansluitingskosten met een maximum van € 2.000 per woning). Voor deze maatregel kan de subsidie voorafgaand aan de uitvoering worden verleend, conform de voorwaarden genoemd in artikel 2.7
De onder d, e en f genoemde warmtepompsystemen moeten voldoen aan de geluidseisen en systeemeisen conform de op het moment van aanvraag van de subsidie geldende bouwtechnische regelgeving.
Opslag en gebruik duurzame energie
opslag van zelfopgewekte elektriciteit in een zoutbatterij (volledig recyclebaar, vrij van zware metalen en giftige stoffen), mits deze niet teruglevert aan het elektriciteitsnetwerk buiten de woning (de subsidie bedraagt 30% van de totale factuur kosten met een maximum van € 900);
opslag van zelf opgewekte elektriciteit in warm water, een thermische batterij, wateraccu of slimme boiler, in de vorm van een regelunit die een boilervat verbindt aan de meterkast of omvormer (de subsidie bedraagt 30% van de totale factuurkosten met een maximum van € 500);
Overige maatregelen
inbouw inductiekookplaat of keramische kookplaat ter vervanging van aardgas (de subsidie bedraagt € 100);
photovoltaïsche plus thermische zonnepanelen (PVT),voor elektra en warmte (de subsidie bedraagt € 150 per paneel met een maximum van € 1.000);
duurzaam geproduceerde zonnepanelen, met een aantoonbaar lage milieu-impact en vervaardigd zonder gebruik van PFAS of lood (de subsidie bedraagt € 50 per paneel met een maximum van € 500 per woning). De panelen moeten voldoen aan de kenmerken genoemd in artikel 2.5;
maatregelen met als doel de spouwmuur natuurvrij te maken, zoals het plaatsen van vogelschroten, nestkastjes, vleermuiskasten, afsluitstrips of andere voorzieningen die voorkomen dat dieren zich in de spouw kunnen nestelen voorafgaand aan isolatie (de subsidie bedraagt 30% van de totale factuurkosten met een maximum van € 300 per woning);
het laten verwijderen of het permanent onbruikbaar laten maken van een rookkanaal waarop een werkende houtkachel, pelletkachel of open haard is aangesloten (de subsidie bedraagt 30% van de totale factuurkosten met een maximum van € 600 per woning).
Zelfstandig isoleren
dakisolatie met een Rd-waarde ≥ 3,5 (m2K/W) (de subsidie bedraagt 30% van de materiaalkosten met een maximum van € 400);
isolerende voorzetwanden met een Rd-waarde ≥ 2,5 (m2K/W) (de subsidie bedraagt 30% van de materiaalkosten met een maximum van € 500);
vloerisolatie met een Rd-waarde ≥ 3,5 (m2K/W) (de subsidie bedraagt 30% van de materiaalkosten met een maximum van € 300).
De hoogte van de totale subsidie bedraagt maximaal € 5.000 per jaar per woning.
De subsidie wordt zodanig berekend dat de hoogte van de totale subsidie niet meer bedraagt dan 30% van de totale factuurkosten, exclusief eventuele aanvullende subsidies die op grond van deze regeling kunnen worden toegekend.
Indien subsidie aangevraagd wordt voor het verduurzamen, conform artikel 2.2 lid 1, van een gemeentelijk monument, een rijksmonument of een woning in een beschermd dorps- of stadsgezicht, kan eenmalig een aanvullende subsidie van € 1.000 verleend worden.
Indien subsidie voor dakisolatie aangevraagd wordt gelijktijdig met buren, kan het subsidiebedrag verhoogd worden met 10%.
Indien subsidie voor isolatiemaatregelen aangevraagd wordt en er één van de onderstaande natuurlijke isolatiematerialen wordt gebruikt kan het subsidiebedrag verhoogd worden met 20%:
Grasvezelisolatie;
Vlasvezelisolatie;
Hennepisolatie;
Schapenwolisolatie;
Katoenisolatie;
Cellulose;
Houtwol;
Kurkisolatie;
Stro;
Jute;
Of een ander aantoonbaar natuurlijk isolatiemateriaal.
Hoofdstuk 2
Artikel 2.4