Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2.6

Mee te tellen vermogen

Onderdeel van Beleidsregels Individuele bijzondere bijstand gemeente Tilburg 2026

1.. Voor de vermogensgrens om in aanmerking te komen voor bijzondere bijstand wordt aangesloten bij de grens voor het vrij te laten vermogen zoals opgenomen in artikel 34 lid 3 van de wet, tenzij sprake is van een situatie zoals bedoeld in artikel 3.5 van deze beleidsregels. 2.. Bij toepassing van artikel 34 van de wet wordt het vermogen in de door belanghebbende of zijn gezin bewoonde woning met bijbehorend erf niet in aanmerking genomen. 3.. De hoogte van het vermogen wordt vastgesteld volgens de bepalingen van de beleidsregels rechtmatigheid die op de datum van de aanvraag geldig zijn. Al het vermogen boven het vrij te laten vermogen wordt aangemerkt als meer-vermogen. 4.. Peildatum voor vaststellen van het vermogen: de eerste dag van de maand waarin de bijzondere bijstand aangevraagd is. 5.. Het uit (algemene) bijstandsuitkering gespaarde vermogen wordt buiten beschouwing gelaten conform artikel 34 lid 2 van de wet zolang de persoon deze uitkering nog ontvangt en tot 12 maanden na beëindiging van de bijstandsuitkering wegens werkaanvaarding.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel