Naar hoofdinhoud
Jaarlijks worden door het college de jaarstukken bestaande uit jaarverslag en –rekening uiterlijk vijf weken voor de vaststelling aangeboden aan de raad. Het college legt verantwoording af over de uitvoering van de programma’s. In de verantwoording geeft het college aan: wat hebben we bereikt; is ervoor gedaan; wat heeft het gekost. De raad bepaalt aan de hand van de verantwoording van de programma’s of de beleidsdoelen van de programma’s voor het lopende jaar bijstelling behoeven. Gelijktijdig met het aanbieden van de jaarstukken bieden burgemeester en wethouders de raad het voorstel aan over de bestemming van het jaarrekeningresultaat. Indien de Kadernota wordt aangeboden zoals bedoeld in artikel 4, lid 2, en indien het moment van aanbieden van het voorstel over de bestemming van het jaarrekeningresultaat zoals bedoeld in lid 4 van dit artikel later is dan 1 week voor de vaststelling van de Kadernota door de raad, dan informeert het college de raad uiterlijk 1 week voor vaststelling van de Kadernota door de raad over het voorlopige resultaat en het voorlopige voorstel voor de resultaatsbestemming. Vooruitlopend op het bestemmingsvoorstel over het jaarrekeningresultaat kunnen burgemeester en wethouders de raad voorstellen om restantmiddelen op onderdelen van het rekeningresultaat over te hevelen naar het volgende begrotingsjaar. Burgemeester en wethouders bieden dit voorstel uiterlijk in december van het betreffende jaar aan aan de raad.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel