**1..** Een cliënt is een bijdrage in de kosten verschuldigd voor een maatwerkvoorziening dan wel pgb, zolang:
de cliënt van de maatwerkvoorziening gebruik maakt, of
gedurende de periode waarvoor het pgb wordt verstrekt, of
het koopbedrag van een middels een pgb verstrekte voorziening niet is voldaan.
**2..** In afwijking van het eerste lid is geen bijdrage verschuldigd voor:
een woonvoorziening voor een minderjarige cliënt;
een rolstoelvoorziening;
een financiële maatwerkvoorziening als bedoeld in artikel 3, vijfde lid, onder k, van deze verordening; en
collectief vervoer in de vorm van de GroeneHartHopper als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel k, van deze verordening.
**3..** De kostprijs van een maatwerkvoorziening in natura wordt bepaald:
door een aanbesteding,
na een consultatie in de markt, of
in overleg met de aanbieder.
**4..** De kostprijs van pgb is gelijk aan de hoogte van het pgb.
**5..** De bijdrage, bedoeld in artikel 3.1, tweede lid, van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015, of het totaal aan bijdragen, is gelijk aan de kostprijs tot aan ten hoogste de in het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015 genoemde bijdrage per maand voor de cliënt of de gehuwde cliënten tezamen, tenzij overeenkomstig hoofdstuk 3 van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015 geen of een lagere eigen bijdrage is verschuldigd.
**6..** Mantelzorgers betalen voor de hulp bij het huishouden voor mantelzorgers een tarief met korting aan de aanbieder.
HOOFDSTUK 9
Artikel 37.
Bijdrage in de kosten voor maatschappelijke ondersteuning
Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp Gouda 2026