Naar hoofdinhoud
Belanghebbende komt in aanmerking voor de tegemoetkoming wanneer: het (gezamenlijk) inkomen op het moment van aanvraag niet hoger is dan 120% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm bedoeld in artikel 5, onderdeel c van de Participatiewet, waarbij de artikelen 19a en 22a van de Participatiewet buiten toepassing blijven; en het (gezamenlijk) vermogen op het moment van de aanvraag niet hoger is dan bedoeld zoals in artikel 34 van de Participatiewet of voor zelfstandigen zoals bedoeld in artikel 7 en 8 van de Bbz, waarbij vermogen in de vorm van een eigen woning of woonwagen volledig buiten beschouwing wordt gelaten; en het volledige eigen risico binnen het jaar waarvoor de tegemoetkoming wordt aangevraagd volledig benut heeft en dit kan aantonen middels een verklaring van de zorgverzekering; en bij belanghebbende sprake is van een chronische ziekte of handicap.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel