In deze beleidsregels wordt verstaan onder:
College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente West Betuwe.
Oplaadkabels: een verlengde huisaansluiting waarmee een (semi-)elektrische auto kan worden opgeladen.
Infrastructuur: verzamelnaam voor allerlei landschappelijke elementen: van droog tot nat, van groot- tot kleinschalig, van lijnelementen als snelwegen, spoorwegen, kanalen, beken, dijken, tramwegen, kerkenpaden, holle wegen en ringvaarten, tot bouwwerken als bruggen, sluizen, gemalen, tolhuizen en vuurtorens.
Oplaadpunt: is een infrastructuurelement dat elektrische energie voorziet om de accu van een elektrisch voertuig op te laden.
Kabelgoottegel: in de kabelgoottegel ligt de laadkabel van een elektrisch voertuig niet op het trottoir, maar in een tegel door middel van een uitsparing met een rubber kap.
Openbare publieke laadpaal: laadpalen waar iedereen zijn of haar elektrische auto kan opladen. De parkeerplaats is alleen te gebruiken wanneer er gebruik wordt gemaakt van deze laadpaal.
Stoep: een trottoir, stoep of voetpad is een deel van de verkeersinfrastructuur, met voetgangers dat zich afgescheiden en daardoor veilig wil voortbewegen ten opzichte van gemotoriseerde en fietsverkeer.
Wegen: alle voor het openbaar verkeer openstaande wegen of paden met inbegrip van de daarin liggende bruggen en duikers en de tot die wegen behorende paden en bermen of zijkanten.
Groenstroken: Dit zijn stroken groen die vaak aan de voor-, zij- of achterkant van uw woning liggen en nu deel uitmaken van het openbaar groen.
Artikel 1.
Begripsbepalingen
Onderdeel van Beleidsregel kabelgoottegels ten behoeve van het opladen van elektrische voertuigen in de gemeente West Betuwe