Naar hoofdinhoud

Artikel 25.1.3

Redenen afwijzing verzoek om uitstel

Onderdeel van Leidraad Invordering gemeentelijke belastingen gemeente Meppel

Een verzoek om uitstel van betaling wordt in ieder geval afgewezen als: de medewerking van de verzoeker aan de gemeente naar het oordeel van de invorderingsambtenaar onvoldoende is; onjuiste gegevens worden verstrekt; de gevraagde gegevens niet (volledig) binnen de door de invorderingsambtenaar daartoe gestelde termijn zijn verstrekt. Als de verstrekte gegevens onvolledig zijn, stelt de invorderingsambtenaar de belastingschuldige in de gelegenheid de ontbrekende gegevens alsnog binnen twee weken te verstrekken; de gevraagde zekerheid niet wordt gesteld (zie artikel 25.1.1, 25.2.5, 25.5.2 en 25.6.2 van deze leidraad); de waarde van vermogensobjecten in redelijkheid te gelde kan worden gemaakt en daarmee de belastingschuld binnen een voor de invorderingsambtenaar redelijke termijn voldaan kan worden; de berekende betalingscapaciteit zodanig is dat de belastingschuld direct voldaan kan worden; de betalingsregeling zich over een voor de invorderingsambtenaar onaanvaardbare termijn uitstrekt; de betalingsproblemen structureel zijn en een betalingsregeling volgens de invorderingsambtenaar geen uitkomst zal bieden; sprake is van een verzoek om uitstel van betaling van een belastingaanslag in verband met betalingsmoeilijkheden en voorafgaande aan dat verzoek uitstel is genoten in verband met een bezwaar- of beroepsprocedure tegen die aanslag, terwijl gedurende die procedure betalingsmiddelen ter beschikking hebben gestaan, waarmee de belastingschuld kon worden betaald; de aanslag betrekking heeft op: bedrijfsreinigingsrecht, (bouw)leges, parkeerbelastingen, marktgelden en precariobelasting; het een bezwaar betreft dat direct of indirect gericht is tegen een onherroepelijk vaststaande WOZ-beschikking; met de belastingschuldige reeds eerder een regeling is getroffen, maar deze niet is nagekomen; ter zake van de aanslag reeds een beslagopdracht naar de belastingdeurwaarder is uitgegaan dan wel door de belastingdeurwaarder reeds beslag is gelegd; in geval van een vordering op grond van artikel 19 van de wet; het in bezwaar betwiste bedrag minder dan € 50 bedraagt. er nog geen definitief voorstel is ontvangen ten behoeve van schuldhulp, WSNP en faillissementen; er geen urgente situatie is, zoals overlijden, langdurige ziekenhuisopname etc. De invorderingsambtenaar is niet verplicht de belastingschuldige in de gelegenheid te stellen zijn zienswijze naar voren te laten brengen voordat hij het verzoek om uitstel geheel of gedeeltelijk afwijst. Als het verzoek om uitstel wordt afgewezen, moet gemotiveerd worden waarom tot afwijzing van het verzoek is besloten. Daarbij moeten alle afwijzingsgronden worden genoemd; er kan niet worden volstaan met het noemen van de voornaamste afwijzingsgrond.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel