Als de invorderingsambtenaar afwijzend heeft beslist op een verzoek om kwijtschelding of een aangeboden akkoord, of het college afwijzend heeft beslist op een ingediend beroepschrift tegen een afwijzende beschikking van de invorderingsambtenaar, voldoet de belastingschuldige het op de belastingaanslag verschuldigde bedrag binnen veertien dagen na dagtekening van de afwijzende beschikking of binnen de betaaltermijn die op het aanslagbiljet staat. Na deze termijn kan de invorderingsambtenaar de invordering aanvangen dan wel voortzetten. Artikel 9 van de regeling is gedurende deze wachttijd van overeenkomstige toepassing.
De termijn van veertien dagen geldt niet als:
sprake is van een situatie als bedoeld in artikel 10 van de wet;
naar het oordeel van de invorderingsambtenaar aanwijzingen bestaan dat door het niet direct aanvangen of voortzetten van de invordering de belangen van de gemeente worden geschaad.
Artikel 26.1.7
Na afwijzen kwijtschelding veertien dagen wachttijd bij voortzetting invordering
Onderdeel van Leidraad Invordering gemeentelijke belastingen gemeente Meppel