Naar hoofdinhoud

Artikel 7.

Regels voor pgb

Onderdeel van Verordening Jeugdhulp 2026 gemeente Tytsjerksteradiel

1.. Het college kan een individuele voorziening verstrekken in de vorm van een PGB in overeenstemming met artikel 8.1.1 van de wet. Een PGB kan worden verstrekt indien: de jeugdige, ouder(s) en/of wettelijke vertegenwoordiger(s), al dan niet met hulp uit hun sociale netwerk dan wel van een curator, bewindvoerder, mentor of gemachtigde, in staat zijn de aan een PGB verbonden taken op verantwoorde wijze uit te voeren; de jeugdige, ouder(s) en/of wettelijke vertegenwoordiger(s) overtuigend kunnen motiveren waarom zij de individuele voorziening die door een gecontracteerde zorgaanbieder wordt geleverd, niet passend achten; naar het oordeel van het college is gewaarborgd dat de jeugdhulp die de jeugdige, ouder(s) en/of wettelijke vertegenwoordiger(s) willen betrekken van een zorgaanbieder of een persoon die behoort tot het sociale netwerk van goede kwaliteit (veilig, doeltreffend en cliëntgericht) is. In aanvulling op lid 1 a kan een persoon in de volgende gevallen in ieder geval geen PGB beheren. Als de persoon: geen (financieel) onafhankelijke positie heeft ten aanzien van de zorgaanbieder die formele hulp biedt; niet meerderjarig is; niet over een woonadres beschikt volgens de BRP; in detentie zit; de Nederlandse taal onvoldoende beheerst; niet in staat is de veiligheid in de eigen leefsituatie te waarborgen; een verslaving heeft, zoals een alcohol-, drugs-, gok- of koopverslaving; ondersteuning nodig heeft bij de eigen administratie; in de schuldsanering zit of daarvoor een verzoek heeft ingediend; surseance van betaling heeft aangevraagd of failliet is verklaard; eerder een PGB heeft beheerd en toen is gebleken dat deze persoon onvoldoende vaardig was en/of verplichtingen niet nakwam en/of er sprake is geweest van fraude met een PGB. Bij de beoordeling van de geschiktheid van een pgb-beheerder hanteert het college een aantal uitsluitingscriteria, waarbij altijd sprake is van een individuele beoordeling; indien sprake is van bijvoorbeeld schuldenproblematiek, beperkte taalvaardigheid of verslavingsproblematiek, wordt beoordeeld of met inzet van een bewindvoerder of mentor alsnog verantwoord beheer mogelijk is. 2.. De motivering van de jeugdige, ouder(s) en/of wettelijke vertegenwoordiger(s) of pgb-beheerder dat voldaan wordt aan de hiervoor genoemde drie voorwaarden, wordt weergegeven in het pgb-plan. 3.. Ter waarborging van de kwaliteit van de met een pgb in te kopen formele voorziening beschikt de uitvoerder van jeugdhulp (met uitzondering op de ouders) over een Verklaring Omtrent Gedrag (VOG) die niet ouder is dan drie maanden bij aanvang van de zorgovereenkomst en gedurende de hulpverlening niet ouder dan drie jaar, waaruit blijkt dat er geen bezwaren zijn voor de uitoefening van diens functie. 4.. De hoogte van een PGB: wordt vastgesteld aan de hand van een door de jeugdige, ouder(s) en/of wettelijke vertegenwoordiger(s) opgesteld en door het college goedgekeurd pgb-plan waarin in ieder geval uiteen is gezet: welke jeugdhulp die tot de individuele voorziening behoort de jeugdige, ouder(s) en/of wettelijke vertegenwoordiger(s) van het budget willen betrekken, en indien van toepassing, welke hiervan de jeugdige, ouder(s) en/of wettelijke vertegenwoordiger(s) wil inkopen middels een individuele voorziening. wordt berekend op basis van een prijs of tarief: waarmee redelijkerwijs is verzekerd dat het PGB de jeugdige en/of ouder(s) in staat stelt om tijdig veilige, doeltreffende en kwalitatief goede ondersteuning van derden te betrekken; waarbij rekening is gehouden met redelijke overheadkosten van derden van wie de jeugdige, ouder(s) en/of wettelijke vertegenwoordiger(s) de jeugdhulp willen betrekken, en waarbij, voor zover van toepassing rekening is gehouden met de in het negende lid van dit artikel gestelde voorwaarden betreffende het tarief onder welk de jeugdige, ouder(s) en/of wettelijke vertegenwoordiger(s) de mogelijkheid heeft om de betreffende jeugdhulp in te kopen middels informele hulp. bedraagt niet meer dan de kostprijs van de in de betreffende situatie goedkoopst adequate in de gemeente tijdig beschikbare individuele voorziening in natura. 5.. Bij de tariefbepaling voor een PGB wordt onderscheid gemaakt tussen verschillende vormen van ondersteuning (formele en informele hulp) en voor zover van toepassing, de te bieden deskundigheid en/of de in de branche geldende kwaliteitseisen. De tarieven voor formele hulp PGB zijn niet gelijk aan de Zorg in Natura (ZIN) tarieven, omdat er door de betreffende zorgaanbieders minder overheadkosten gemaakt hoeven worden dan een door gemeente gecontracteerde aanbieders. Dit betreft o.a. kosten in relatie tot de aanbesteding en bijbehorende programma van eisen, verantwoordingsrapportages en (afstemmings)overleggen. het maximale PGB tarief voor formele hulp wordt gebaseerd op 80% van het zorg in natura tarief, tenzij daarmee geen passende ondersteuning kan worden ingekocht. het PGB tarief voor informele hulp bedraagt maximaal het uurloon van de passende loonschaal uit de geldende CAO VVT, met uitzondering van informele hulp in de vorm van Logeren. de vergoeding bij informele hulp in de vorm van Logeren bedraagt, conform de ministeriële regeling voor hulp uit het sociaal netwerk (te betalen uit een PGB), maximaal € 141,- per kalendermaand. het college stelt in het Financieel Besluit, conform de door de gemeenteraad vastgestelde tariefbepaling in lid 5, de tarieven voor PGB’s vast. 6.. Indien het tarief van de door de jeugdige, ouder(s) en/of wettelijke vertegenwoordiger(s) gekozen zorgaanbieder hoger is dan het maximum vastgestelde tarief in het Financieel Besluit Jeugdhulp van de gemeente Tytsjerksteradiel. 7.. Een jeugdige, ouder(s) en/of wettelijke vertegenwoordiger(s) die in aanmerking komen voor een individuele voorziening middels een PGB, kan informele hulp inkopen, onder de volgende voorwaarden dat: de opgroei- en opvoedproblematiek niet op eigen kracht kan worden opgelost, het de gebruikelijke hulp overstijgt, bovengebruikelijke hulp of mantelzorg geen passende oplossing biedt, er geen mogelijkheden zijn voor andere voorzieningen of inzet van vrijwilligers en dit aantoonbaar tot een beter resultaat leidt en aantoonbaar doelmatiger is dan formele hulp of zorg in natura; deze persoon hiervoor een tarief hanteert dat niet hoger is dan het op grond van het zesde en zevende lid gehanteerde tarief; tussenpersonen, belangenbehartigers of anderszins niet uit het PGB worden betaald; met in achtneming van de in de Nadere Regels Jeugdhulp van de gemeente Tytsjerksteradiel vastgestelde (bestedings-)regels en algemeen toetsings- en afwegingskader. 8.. De volgende bestedingsregels gelden voor een PGB: Het PGB tarief is inclusief overhead en alle bijkomende kosten (zoals opleiding, maaltijden, entreegelden), hier wordt geen extra budget voor toegekend. Kosten voor de uitvoering van taken die horen bij een budgetbeheer mogen niet uit het PGB worden betaald. Kosten voor ondersteuning bij het aanvragen en beheren van een PGB mogen niet uit het PGB worden betaald. Na het overlijden van de jeugdige mag, indien niet teruggevallen kan worden op het sociaal netwerk, vanwege activiteiten verband houdend met het overlijden maximaal een gemiddeld maandbedrag, berekend over de laatste drie gewerkte maanden, door de zorgaanbieder gedeclareerd worden. Het bedrag dat niet verantwoord hoeft te worden betreft alleen de jaarlijks basislidmaatschapskosten voor ‘Per Saldo’ (de belangenorganisatie voor PGB houders). 9.. Het college verstrekt geen PGB voor crisishulp, gezien de acute aard van dergelijke ondersteuning en de noodzaak om deze direct in natura beschikbaar te stellen. 10.. Onverminderd artikel 8.1.1, van de wet verstrekt het college geen PGB: voor zover de aanvraag betrekking heeft op kosten die de jeugdige, ouder(s) en/of wettelijke vertegenwoordiger(s) voorafgaand aan de indiening van de aanvraag heeft gemaakt. voor formele hulp binnen een ouder-kindrelatie. voor informele hulp voor een GGZ-behandeling, aangezien GGZ valt onder de Zorgverzekeringswet (Zvw) en daarmee een voorliggende voorziening betreft; dit sluit aan bij het Protocol GGZ voor jeugd, waarin is vastgelegd dat behandeling van psychiatrische stoornissen primair onder de Zvw valt. als de jeugdige, ouder(s) en/of wettelijke vertegenwoordiger(s) geen vaste woon- of verblijfplaats heeft/hebben. als de jeugdige, ouder(s) en/of wettelijke vertegenwoordiger(s) problematische schulden heeft/hebben, een schuldsaneringstraject doorloopt/doorlopen of onder de wet schuldsanering natuurlijke personen valt/vallen, tenzij de bewindvoerder het volledige beheer van het pgb op zich neemt. De kosten die hiermee gemoeid zijn, komen ten laste van de aanvrager. als de geboden hulp, ondersteuning en begeleiding die door één en dezelfde persoon geleverd wordt meer bedraagt dan 40 uur per week. Bij het vaststellen of deze 40 uur per week overschreden wordt, kan betrokken worden de hoeveelheid hulp, ondersteuning en begeleiding die deze persoon – al dan niet via een pgb – levert aan andere personen of familieleden. 11.. Het weigeren van een aanvraag voor een individuele voorziening in de vorm van een pgb wordt middels een beschikking bekend gemaakt. Tegen deze beschikking kan bezwaar en beroep aangetekend worden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel