Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1.

Artikel 2.

Hulpvraag, beperkingen en gewenste resultaat

Onderdeel van Beleidsregels Jeugd en Wmo gemeente Haarlemmermeer 2026

1.. Het college volgt bij de brede intake en het onderzoek een stappenplan, zodat alle belangrijke onderwerpen besproken en onderzocht worden. Het stappenplan bestaat uit de volgende stappen: Vaststellen van de hulpvraag; Onderzoek of de gemeente verantwoordelijk is op basis van het woonplaatsbeginsel; Onderzoek of de Wmo2015 of jeugdwet van toepassing is. In kaart brengen van: de beperkingen in de zelfredzaamheid en maatschappelijke participatie of bij het zich kunnen handhaven in de samenleving; of wat de beperkingen/problematiek is van de jeugdige. Is er sprake van opgroei- en opvoedingsproblemen, psychische problemen en stoornissen? En als daar sprake van is, concreet maken om welke problemen en/of stoornissen het gaat; Vaststellen welke hulp of ondersteuning in aard en omvang nodig is, met als doel dat: cliënt naar vermogen zelfredzaam is en kan participeren, of cliënt zich (weer) zelfstandig staande kan houden in de samenleving, of client in staat wordt gesteld om gezond en veilig op te groeien, of client in staat wordt gesteld te groeien naar zelfstandigheid; In kaart brengen of en in welke mate eigen mogelijkheden en probleemoplossend vermogen (eigen kracht), gebruikelijke hulp, mantelzorg, hulp uit het sociale netwerk of een algemene voorziening een oplossing biedt; Onderzoek of er aanspraak bestaat op een voorliggende voorziening; Vaststellen of er een individuele voorziening nodig is; Indien een individuele voorziening nodig is; informeren over de mogelijkheid van het aanvragen van een persoonsgebonden budget en een eventuele eigen bijdrage; De uitkomsten van het onderzoek vastleggen in een verslag (plan van aanpak) en delen met de inwoner. 2.. Het college maakt gebruik van vraag- en onderzoeksmethodieken om de hulpvraag en beperkingen/problematiek vast te stellen als onderdeel van het onderzoek. Hierbij wordt gekeken naar de oorzaak en dieperliggende behoefte achter de hulpvraag van de inwoner met als doel samen tot een duurzame oplossing te komen. Indien nodig wordt er aanvullende expertise betrokken. Enkel de vraag naar inzet van een specifieke voorziening of aanbieder door de inwoner is geen hulpvraag, maar het college houdt wel rekening met deze wens van de cliënt tijdens het onderzoek. 3.. Op basis van de hulpvraag bepaalt het college welke wetgeving van toepassing is. Hierbij wordt rekening gehouden met de oorsprong van de hulpvraag. 4.. Om een onderzoek volledig uit te kunnen voeren, is het van belang dat de inwoner gegevens verstrekt en medewerking verleent. Als de noodzaak tot ondersteuning niet kan worden vastgesteld door niet of onvoldoende medewerking verlenen, kan dit leiden tot weigering van een aanvraag. Onder het niet verlenen van medewerking wordt in ieder geval verstaan: het niet meewerken aan een onderzoek, al dan niet door een deskundige, door niet te verschijnen of relevante vragen niet te beantwoorden. De medewerkingsverplichting geldt ook voor de ouder(s), partner en/of huisgenoot ingeval van een onderzoek over het kunnen bieden van gebruikelijke hulp; het niet in contact willen brengen met personen die onderdeel uitmaken van het sociale netwerk. De ondersteuningsvrager kan dit weigeren als er gegronde redenen zijn; als de (wettelijk) vertegenwoordiger stelt dat het college de inwoner voor wie de ondersteuning bedoeld is niet hoeft te zien en/of te spreken voor het onderzoek; gebruikmaking van het blokkeringsrecht als bedoeld in artikel 7:464 lid 2 onder b Burgerlijk Wetboek. Het blokkeringsrecht houdt in dat de uitslag van een medisch onderzoek ten behoeve van het onderzoek naar de hulpvraag en inzet van passende hulp niet door anderen mag worden gelezen. Dat wil zeggen dat de (medisch) adviseur geen toestemming heeft om het door het college gevraagde advies ook daadwerkelijk aan het college te verstrekken; het niet overleggen van het indicatiebesluit op grond van de Wlz als dat noodzakelijk is voor de beoordeling van de ondersteuningsbehoefte. 5.. Bij het vaststellen van het gewenste resultaat houdt het college rekening met een aanvaardbaar niveau. Een aanvaardbaar niveau is een niveau passend bij de inwoner, de leeftijd en situatie.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel