Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3.

Artikel 21.

Dagbesteding

Onderdeel van Beleidsregels Jeugd en Wmo gemeente Haarlemmermeer 2026

1.. Het doel van dagbesteding is om inwoners een zinvolle invulling van de dag te bieden gericht op het aanbrengen van (dag)structuur, het activeren/bevorderen van sociale participatie, het ontwikkelen van vaardigheden (algemene, praktische vaardigheden of meer arbeidsmatige vaardigheden), het organiseren van ontmoeting om sociaal isolement te voorkomen en het voorkomen van achteruitgang. 2.. Aanvullend op lid 1 is het ontlasten van mantelzorgers een belangrijke rol, zodat de inwoner zo lang mogelijk in de eigen omgeving kan blijven wonen. 3.. Dagbesteding kan worden ingezet om de volgende resultaten/doelstellingen te behalen: De zelfredzaamheid van de inwoner wordt verbeterd, bestendigd of achteruitgang wordt voorkomen door: Het bieden van structuur in dag en week Het bieden van stimulerende en activerende activiteiten Het aanleren van sociale, praktische en communicatieve vaardigheden/ capaciteiten De inwoner leert omgaan met en/of voorkomen van verergering van fysieke/cognitieve beperkingen. De inwoner heeft een zinvolle invulling van de dag. De inwoner heeft sociale contacten ter voorkoming van sociaal isolement en/of eenzaamheid. Voorkomen van overbelasting van de mantelzorger. 4.. Voor inwoners van 18 jaar tot de pensioengerechtigde leeftijd kan dagbesteding ook ingezet voor de resultaten/doelstellingen te behalen: Het bieden van een werkplek waarin de capaciteiten van de inwoner optimaal gebruikt en ontwikkeld worden. Het leren van praktische vaardigheden ten behoeve van het uitvoeren van de werkzaamheden Het aanleren van algemene beroepsvaardigheden. Het aanleren van algemene werknemersvaardigheden. Het leren van sociale en communicatieve vaardigheden Het verminderen van beperkingen die betrekking hebben op gedragingen. Het ontwikkelen van de motivatie, zelfwerkzaamheid, zelfredzaamheid en participatie. Het bevorderen van het gevoel van eigenwaarde en het vergroten van zelfvertrouwen en autonomie. 5.. Waar mogelijk draagt de dagbesteding zoals genoemd in lid 4 bij aan de mogelijkheid om uit te stromen naar beschut, begeleid of ondersteund werk, betaald werk, vrijwilligerswerk of deelname aan (basis)voorzieningen in de buurt. 6.. Voorzieningen gericht op mogelijkheden voor aangepast werk op grond van de Ziektewet, de Wet werk en inkomen naar vermogen (WIA), Wajong en de Participatiewet zijn voorliggend. 7.. Het deelnemen aan activiteiten in de sociale basis of de vrij toegankelijke dagbesteding is voorliggend op dagbesteding.

Rechtspraak bij dit artikel