**1..** De raad beslist zo spoedig mogelijk na de datum van indiening van het verzoek of het burgerinitiatiefvoorstel op de agenda van de vergadering van de raad wordt geplaatst, met dien verstande dat ten minste drie weken is gelegen tussen de dag van indiening van het verzoek en de dag van de vergadering waarin op het verzoek wordt beslist.
**2..** Indien de raad het verzoek afwijst wegens strijd met artikel 4, onder a, zendt de raad het voorstel door aan burgemeester en wethouders of aan de burgemeester.
**3..** Indien de raad het verzoek toewijst, dan agendeert hij het burgerinitiatiefvoorstel voor een volgende vergadering van de raad of de betreffende raadscommissie.
**4..** De burgemeester nodigt de verzoeker en zijn plaatsvervanger schriftelijk uit voor de vergadering van de raad of de raadscommissie waarvoor het burgerinitiatiefvoorstel is geagendeerd. De verzoeker of zijn plaatsvervanger heeft tijdens deze vergadering de gelegenheid om zijn burgerinitiatiefvoorstel mondeling nader toe te lichten.
**5..** Zo spoedig mogelijk nadat de raad over het burgerinitiatiefvoorstel een besluit heeft genomen wordt dit besluit bekendgemaakt door kennisgeving van het besluit of van de zakelijke inhoud ervan in een van overheidswege uitgegeven blad of een dag-, nieuws- of huis-aan-huisblad, dan wel op een andere geschikte wijze.
**6..** Tegelijkertijd met de bekendmaking wordt van het besluit mededeling gedaan aan verzoeker en zijn plaatsvervanger.
Hoofdstuk 5
Artikel 17.
Beoordeling verzoek burgerinitiatief
Onderdeel van Algemene participatieverordening gemeente Smallingerland