**1..** Het College berekent de hoogte van de afdracht aan de vereveningsreserve door de grondwaarde van de vrije sector woning te verminderen met de grondwaarde van een sociale huurwoning en of sociale koopwoning.
**2..** De afdracht wordt modelmatig bepaald door de volgende uitgangspunten voor de berekening te hanteren:
voor de berekening van de grondwaarde wordt onderscheid gemaakt naar grondgebonden woningen en gestapelde woningen;
voor de berekening van de grondwaarde van vrije sector woningen wordt de woningwaarde vermenigvuldigd met de grondquote;
bij een koopwoning is de woningwaarde de VON-prijs waarvoor de woning is of wordt verkocht;
bij vrije sector huurwoningen wordt de woningwaarde berekend door de initiatiefnemer. De Initiatiefnemer legt de taxatie voor aan de gemeente;
Indien de Initiatiefnemer en de gemeente geen overeenstemming hebben over de gehanteerde woningwaarde stelt het College een marktconforme woningwaarde vast. Hiervoor schakelt de gemeente een taxateur of beëdigd makelaar of Register Makelaar Taxateur in.
De grondquote van vrije sectorwoningen wordt indien nodig tweejaarlijks berekend. De grondwaarde wordt residueel berekend door de woningwaarde te verminderen met de bouwkosten. De verhouding tussen de woningwaarde en de grondwaarde is de grondquote.
**3..** Als de uitkomst van de berekende afdracht negatief is, wordt de afdracht op nul gezet en is de Initiatiefnemer geen afdracht verschuldigd.
Hoofdstuk 3
Artikel 7
Hoogte van de afdracht
Onderdeel van Programma Sociaal vereveningsfonds 2025 – gemeente Laren