Naar hoofdinhoud

Artikel 12

Vrijstelling van het betalen van parkeerbelastingen

Onderdeel van Verordening Parkeerbelastingen 2026

1.. Vrijgesteld van het betalen van parkeerbelasting als bedoeld in artikel 2 van deze verordening zijn: voertuigen die zijn voorzien van een geldige gehandicaptenparkeerkaart. als zodanig herkenbare politievoertuigen; als zodanig herkenbare brandweervoertuigen; als zodanig herkenbare ambulances; als zodanig herkenbare dierenambulances. 3.. Het college bepaalt dat houders van een gehandicaptenparkeerkaart, naast het digitale systeem waarbij er wordt aangemeld in het digitaal parkeerrecht GPK-systeem ook hun papieren gehandicaptenparkeerkaart kunnen gebruiken om in aanmerking te komen voor vrijstelling van het betalen van parkeerbelasting. Het gebruik van de papieren gehandicaptenparkeerkaart vindt plaats in combinatie met een parkeerschijf, zoals bedoeld in de ‘Regeling gehandicaptenparkeerkaart’. 4.. Het college draagt er zorg voor dat aanmelding in het digitaal parkeerrecht GPK-systeem op een digitaal inclusieve wijze geschiedt, die voldoet aan de standaarden voor toegang tot overheidsdienstverlening. 5.. Hetgeen in lid 3 is vermeld over het digitaal parkeerrecht GPK-systeem, geldt niet voor gehandicaptenparkeerplaatsen aangegeven met verkeersbord E06. Voor die gehandicaptenparkeerplaatsen is de papieren gehandicaptenparkeerkaart het geldend bewijsmiddel. 6.. De vrijstelling van lid 1 geldt voor wat betreft kort-parkeerplaatsen met inachtneming van de daarvoor geldende maximale parkeerduur.

Rechtspraak bij dit artikel