**1..** Het college kan bijzondere bijstand verlenen indien de Wet op de huurtoeslag (tijdelijk) niet als voorliggende passende en toereikende voorziening kan worden aangemerkt.
**2..** Het college kan bijzondere bijstand voor woonkostentoeslag verstrekken tot 125% van de maximale rekenhuur vanuit de Wet op de huurtoeslag voor maximaal 6 maanden.
**3..** Aan de bijstand als bedoeld in het vorige lid verbindt het college de verplichting dat belanghebbende actief een goedkopere woning zoekt en deze accepteert. In de beschikking worden concrete activiteiten over deze verhuisplicht opgenomen die in ieder geval van de belanghebbende worden verlangd.
**4..** Indien de belanghebbende, als bedoeld in het tweede lid, zich in voldoende mate heeft ingespannen zonder dat dit heeft geleid tot het verkrijgen van een passende woning of woonruimte, kan de woonkostentoeslag met maximaal 6 maanden worden verlengd in het geval de noodzakelijke kosten (nog steeds) voortvloeien uit bijzondere omstandigheden.
**5..** Indien de belanghebbende, als bedoeld in het tweede lid, zich niet of in onvoldoende mate heeft ingespannen om een passende woning of woonruimte te verkrijgen en hem dit te verwijten valt, wijst het college de aanvraag om (verlenging van de) bijzondere bijstand af, tenzij sprake is van zeer bijzondere omstandigheden.
**6..** In geval van tekortschietend besef van verantwoordelijkheid als bedoeld in artikel 18, tweede lid van de wet verlengt het college op grond van zeer bijzondere omstandigheden, de bijzondere bijstand voor maximaal 6 maanden in de vorm van een lening.
**7..** Indien en zolang het college de verhuisplicht niet oplegt is de bijzondere bijstand in principe niet aan de maximale termijn gebonden als bedoeld in het tweede lid.
Hoofdstuk 7
Artikel 7.1
Woonkostentoeslag huurders
Onderdeel van Beleidsregels bijzondere bijstand Breda 2026