Naar hoofdinhoud

Artikel 2.3

Wat gaat er mis?

Onderdeel van Duurzaamheidsagenda 2025-2028

We worden wereldwijd geconfronteerd met grote duurzaamheidsproblemen. Door de opwarming van de aarde hebben we wereldwijd te maken met een veranderend klimaat. De zeespiegel stijgt, er zijn lange perioden van extreme hitte en droogte of er is juist sprake van te veel regen. De invloed op de natuur is aanzienlijk met een verlies aan biodiversiteit tot gevolg. Het water en de bodem, de basis van ons bestaan, raken steeds meer vervuild en uitgeput. Grondstoffen raken op en de afvalbergen worden steeds hoger. Veel mensen op de wereld worden beperkt in hun basisbehoeften. Zij hebben geen toegang tot schoon drinkwater, eten, gezondheidszorg of onderwijs. Al deze problemen maken de aarde steeds minder leefbaar voor de mens en voor dieren en planten. Om te weten wat we oars moeten doen, moeten we weten waar het precies mis gaat. En wanneer handel je eigenlijk duurzaam? Wanneer ben je nu in de praktijk wel en niet duurzaam bezig? Een groep wetenschappers is daarom op initiatief van de Zweedse kankerwetenschapper en kinderoncoloog Karl-Henrik Robèrt op zoek gegaan naar deze ontbrekende kaders. Daarvoor hebben ze geanalyseerd welke mechanismen het leven op aarde mogelijk maken en op welke manieren die mechanismen worden aangetast. In hun denkoefening zijn de wetenschappers uitgekomen op vier basale manieren waarop we de toekomst voor de generaties na ons in gevaar brengen. Dit zijn de kernoorzaken van onduurzaamheid, waar we dus mee moeten stoppen om duurzaam te worden. Bron: www.rsdo.nl Vanuit deze wetenschappelijke consensus over wat wel en niet duurzaam is, is een raamwerk voor duurzaamheid opgebouwd dat wetenschappelijk robuust, eenvoudig te begrijpen en praktisch toepasbaar is. Dit raamwerk is in de wetenschap bekend als het Framework for Strategic Sustainable Development (FSSD), in het Nederlands dus Raamwerk voor Strategische Duurzame Ontwikkeling (RSDO). Bron: www.rsdo.nl. In het raamwerk staan de vier basale manieren beschreven waarop wij de aarde schade toebrengen. Ook wel de 4 kernoorzaken van ‘onduurzaamheid’ genoemd. Er zijn 3 ecologische kernoorzaken te benoemen en 1 sociale kernoorzaak. We breken de natuur sneller af dan de tijd die nodig is om te herstellen. Bijvoorbeeld door ontbossing, overbevissing, onttrekking grondwater, bebouwing en bestrating, versnippering en monoculturen. We halen stoffen uit de aardkorst en brengen deze in een grotere hoeveelheid en hoger tempo in de biosfeer dan de natuur kan verwerken en weer terug kan voeren naar onder de aardkorst. Dit doen we met fossiele brandstoffen, metalen en mineralen. We produceren stoffen die natuurvreemd zijn en/of in zulke grote hoeveelheden dat de natuur ze niet af kan breken. Voorbeelden zijn stoffen zoals bestrijdingsmiddelen, conserveringsmiddelen, brandvertragers, weekmakers en (micro-)plastics, PFAS/PFOS etc. We beperken mensen in het kunnen voorzien in hun basisbehoeften. Deze basis moet goed zijn voor een lichamelijk, geestelijk en sociaal gezond leven. Ongelijkheid, discriminatie, oneerlijke beloning, kinderarbeid, werkstress en gevaarlijke arbeidsomstandigheden zijn beperkende factoren. Afbeelding 2.1 - Eu- en Rijksdoelstellingen En als we weten wat er misgaat en wat we dus eigenlijk niet moeten doen, dan weten we ook wat we wél moeten doen: De onderstaande vier uitgangspunten geven een duidelijk kader voor duurzaam handelen. Een kader waar we ons handelen aan kunnen toetsen. Het helpt ons bewust te zijn van de effecten van de keuzes die we maken. Breek de natuur niet sneller af dan de tijd die nodig is om te herstellen; Breng niet meer en sneller stoffen uit de aardkorst in het milieu dan de natuur kan verwerken; Breng niet meer en sneller natuurvreemde stoffen in het milieu dan de natuur kan verwerken; Doe geen dingen die mensen beperken in het vervullen van hun basisbehoeften.

Rechtspraak bij dit artikel