De gemeente heeft een belangrijke wettelijke watertaak, vastgelegd in de Omgevingswet als formele zorgplicht. Deze zorgplicht richt zich vooral op de volgende drie onderdelen:
Afvalwaterinzameling (§ 7.4.1)
De gemeente is verantwoordelijk voor het inzamelen en transporteren van afvalwater uit de bebouwde omgeving. Dit betekent dat zij zorgt voor de aanleg, het beheer en het onderhoud van de riolering.
Hemelwaterafvoer (§ 7.4.2)
Daarnaast zorgt de gemeente voor een doelmatige inzameling van afvloeiend hemelwater op openbaar terrein. Als de eigenaar het regenwater redelijkerwijs niet zelf op of in de bodem of een oppervlaktewaterlichaam kan lozen, is de gemeente verantwoordelijk voor het transport en de verwerking daarvan. De omgeving met bijbehorende kenmerken (denk aan bodemsoort) vervult een belangrijke rol bij de opvang en opslag van hemelwater.
Grondwaterbeheer (§ 7.4.3)
De gemeente heeft ook een taak om maatregelen te treffen in het openbaar gebied van dorpen en stadswijken om structurele nadelige gevolgen van hoge of lage grondwaterstanden zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken.
De uitvoering van deze gemeentelijke watertaken staat onder invloed van actuele en toekomstige uitdagingen. Denk hierbij aan klimaatverandering, de energietransitie, (autonome) bodemdaling, verzilting, de ambitie om circulair te werken en het versterken van ecologische doelen. Dit vraagt om een flexibele en toekomstgerichte aanpak van het gemeentelijk waterbeheer.
7.4.1. Afvalwater
Waar staan we nu?
Sinds de invoering van riolering in de vorige eeuw zijn de hygiëne en gezondheid van inwoners aanzienlijk verbeterd. Ook het milieu profiteert van een goed functionerend rioleringssysteem, omdat afvalwater niet langer direct in het oppervlaktewater wordt geloosd. Tegenwoordig wordt het ingezamelde afvalwater eerst gezuiverd voordat het wordt teruggevoerd naar sloten en andere waterwegen.
De gemeente is verantwoordelijk voor het inzamelen en transporteren van stedelijk afvalwater naar de rioolwaterzuiveringsinstallaties (RWZI’s) van het Wetterskip. Dit omvat de aanleg en het beheer van riolering, met als doel een hygiënische en veilige leefomgeving te waarborgen.
Het stedelijke afvalwater in Waadhoeke wordt via een uitgebreid rioolstelsel afgevoerd naar de RWZI’s in St.-Annaparochie en Franeker. Ons rioolstelsel is goed onderhouden, maar bestaat uit zowel nieuwe als oudere delen. De oudere riolen zijn oorspronkelijk ontworpen om afvalwater en hemelwater gezamenlijk af te voeren. Tegenwoordig worden nieuwe riolen gescheiden aangelegd, met aparte systemen voor afvalwater en hemelwater. Hierdoor liggen er nu twee afzonderlijke rioolstelsels in de straten (gescheiden: 62 kilometer droogweerafvoer en 65 kilometer regenwaterafvoer en gemengd: 205 kilometer).
Ons doel is dat stedelijk afvalwater efficiënt wordt ingezameld en afgevoerd naar de RWZI’s van het Wetterskip Fryslân. Schoon hemelwater hoeft niet naar de zuivering en wordt daarom waar mogelijk afgekoppeld en rechtstreeks afgevoerd naar het oppervlaktewater. Bij normale neerslag blijft de openbare ruimte droog en bij hevige regenval willen we wateroverlast en schade voorkomen.
In het verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan (vGRP) 2020-2025 staat beschreven hoe Waadhoeke omgaat met stedelijk afvalwater. Dit plan biedt een structurele aanpak voor stedelijk waterbeheer en riolering. Water is een belangrijke factor bij de ruimtelijke inrichting van onze gemeente; soms bepaalt het waar wel of niet gebouwd kan worden of welke maatregelen nodig zijn om water goed in de leefomgeving te integreren. Bij ruimtelijke plannen vindt de watertoets plaats.
Duurzaamheid staat centraal in ons beleid: we hergebruiken hemelwater waar mogelijk en voorkomen verspilling. Vuil water wordt gezuiverd en teruggebracht in het oppervlaktewatersysteem, terwijl schoon water zoveel mogelijk wordt vastgehouden in de omgeving. Daarnaast houden we rekening met klimaatverandering in al onze werkzaamheden. In ons beleid passen we de principes van ‘water en bodem sturend’ toe. Het rioleringsplan biedt bovendien een onderbouwing voor de hoogte van de rioolheffing voor huishoudens en bedrijven.
De looptijd van het huidige vGRP eindigt eind 2025 en voor de vervolgperiode wordt er gewerkt aan een nieuw Gemeentelijk Water en Riolering Programma (GRP) 2026-2030. Dit nieuwe programma bouwt voort op de basis van het huidige vGRP en speelt in op de toekomstige en toenemende watertaken van de gemeente. Daarin is onder meer extra aandacht voor risico gestuurde rioolvervanging en klimaat robuuste inrichting van de openbare ruimte.
7.4.2. Hemelwater
Waar staan we nu?
Naast de verantwoordelijkheid voor afvalwater heeft de gemeente ook een zorgplicht voor hemelwater. Dit omvat alle vormen van neerslag, zoals regen, sneeuw en hagel. Hoewel hemelwater geen aparte definitie heeft onder de Omgevingswet, valt het onder de bredere term ‘stedelijk afvalwater’. De gemeente zorgt voor een doelmatige inzameling van afvloeiend hemelwater op openbaar terrein. Wanneer een eigenaar het regenwater redelijkerwijs niet zelf kan afvoeren via de bodem of een oppervlaktewaterlichaam, neemt de gemeente de verantwoordelijkheid voor transport en verwerking.
Om regenwater effectief af te voeren, zijn er tegenwoordig twee gescheiden rioolstelsels in de straten: één voor afvalwater en één voor hemelwater. Het beheer en onderhoud hiervan behoren tot de gemeentelijke taken en is onderdeel van het verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan. Bij vervanging en onderhoud houden we rekening met veranderende klimatologische omstandigheden. Hemelwater speelt een steeds grotere rol bij de inrichting van straten en wijken.
Bij normale neerslag mag er geen water op straat blijven staan. Dit toetsen en ontwerpen we aan de hand van de theoretische bui 08 uit de Kennisbank Stedelijk Water, wat overeenkomt met ongeveer 20 mm neerslag per uur. Bij hevige neerslag streven we ernaar schade te voorkomen, waarbij we uitgaan van een maximale belasting van 40 mm per uur.
Om dit doel te bereiken, is samenwerking essentieel. Zowel openbare als particuliere ruimte speelt een rol in de opvang en verwerking van hemelwater. We accepteren dat water bij extreme neerslag tijdelijk op straat en andere plekken in de leefomgeving kan blijven staan. Bij neerslag boven de 40 mm per uur kan schade optreden. Het volledig verwerken van extreme hoeveelheden hemelwater is een uitdaging, maar ons doel is om Waadhoeke hier in 2050 optimaal op ingericht te hebben, in lijn met de planning van het Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie.
7.4.3. Grondwater
Waar staan we nu?
Naast de zorgplicht voor afvalwater en hemelwater heeft de gemeente ook een verantwoordelijkheid voor grondwaterbeheer. Dit houdt in dat we maatregelen moeten treffen om structurele nadelige gevolgen van een te hoge of te lage grondwaterstand te voorkomen of te beperken en zorgen we ervoor dat veranderende grondwaterstanden geen structurele problemen veroorzaken. De meldingen van (grond)wateroverlast nemen toe en de oorzaken hiervan zijn divers. Op sommige locaties zijn drains aangelegd om overtollig grondwater af te voeren. In samenwerking met bewoners, Wetterskip en andere belanghebbenden zoeken we naar passende oplossingen.
In veel gevallen ligt de eerste verantwoordelijkheid bij de perceeleigenaar. Dit betekent dat eigenaren zelf moeten zorgen voor een oplossing bij grondwateroverlast op hun terrein. Ook bij lekkages in kelders, vloeren en muren ligt de verantwoordelijkheid bij de woningeigenaar om deze problemen te verhelpen.
Als de gemeente een rol heeft, onderzoeken we eerst of er sprake is van structurele grondwateroverlast en of doelmatige maatregelen mogelijk zijn. We hanteren als richtlijn dat er zichtbare of anderszins verifieerbare nadelige gevolgen moeten zijn én dat de grondwaterstand bij panden minimaal drie maanden per jaar hoger is dan 70 cm onder het maaiveld. Vervolgens werken we samen met eigenaren, bewoners en Wetterskip om tot een effectieve oplossing te komen. Gemeentelijke maatregelen worden uitsluitend getroffen in de openbare ruimte. Omdat deze ruimte al veel verschillende functies heeft, wordt samenwerking met bewoners en bedrijven steeds belangrijker.
De gemeente beschikt niet over een uitgebreid grondwatermeetnet voor monitoring van grondwaterstanden. Wel zijn in enkele wijken van Franeker meerdere peilbuizen geplaatst om de grondwaterstand te meten, naar aanleiding van meldingen over een hoge grondwaterstand.
De provincie Fryslân is verantwoordelijk voor het verlenen van vergunningen voor de winning van (diep) grondwater.
Achter de zeedijk onder het vaste land wordt het grondwater beïnvloed door een zoute kwelstroom, die landinwaarts afneemt. Hierdoor treedt binnen de gemeentegrenzen verzilting van het water op (zie paragraaf 7.4.4.6 Verzilting). Mede om deze reden wordt in Noordwest Fryslân geen drinkwater uit grondwater gewonnen, omdat de kwaliteit hiervan niet geschikt is voor drinkwaterproductie (zie paragraaf 7.4.4.3 Drinkwater).
Landelijk is een tool ontwikkeld om inzicht te geven in de kwaliteit en de kwantiteit van het grondwater in Nederland. TNO - Geologische Dienst Nederland heeft onder meer als taak om informatie over grondwater voor een breed publiek beschikbaar te stellen. Gegevens over de grondwaterkwaliteit, grondwaterstanden, de hydrogeologische opbouw van de ondergrond en de daarvoor gebruikte data zijn via de ‘grondwatertools’ te raadplegen (www.grondwatertools.nl).
7.4.4. Overige programmalijnen binnen de waterketen
De gemeente krijgt binnen de waterketen, naast de wettelijke zorgplicht voor afvalwater, hemelwater en aspecten van het grondwater, ook te maken met andere water gerelateerde thema’s. Bij deze onderwerpen verschilt de rol en verantwoordelijkheid van de gemeente: soms is die direct en zwaarwegend, soms meer ondersteunend of indirect.
Het gaat om de volgende programmalijnen:
Stedelijk oppervlaktewater (§ 7.4.4.1)
Vaarwater en oevers (§ 7.4.4.2)
Drinkwatervoorziening (§ 7.4.4.3)
Waterveiligheid en bescherming tegen overstromingen (§ 7.4.4.4)
Waterkwaliteit(§ 7.4.4.5)
Verzilting van grond- en oppervlaktewater (§ 7.4.4.6)
Deze thema’s raken verschillende gemeentelijke beleidsterreinen en vragen om samenwerking met partners in de waterketen. Ze maken duidelijk dat water in al zijn vormen een breed en complex vraagstuk is, waarin de gemeente steeds vaker een rol speelt.
7.4.4.1 Stedelijk oppervlaktewater
Waar staan we nu?
Het uitgebreide netwerk van oppervlaktewateren in Waadhoeke speelt een cruciale rol in waterbeheer. Het helpt bij waterberging, doorspoeling en de afvoer van overtollig water. Het Wetterskip Fryslân beheert een groot deel van deze wateren en controleert of het watersysteem goed functioneert. Binnen stedelijke gebieden is de gemeente verantwoordelijk voor het beheer van de meeste watergangen.
Goed onderhoud, zoals baggeren en hekkelen, is essentieel om te voorkomen dat watergangen dichtgroeien of dichtslibben, waardoor de afwateringsfunctie in gevaar kan komen. Waar mogelijk en nodig breiden we het oppervlaktewater uit, zodat we beter kunnen voldoen aan onze hemelwaterzorgplicht. Daarnaast zorgen we voor goed onderhoud van gemeentelijke sloten en greppels om hemelwater effectief vast te houden en af te voeren.
De gemeente heeft met Wetterskip Fryslân afspraken gemaakt over het onderhoud van watergangen binnen de bebouwde kom. Dit onderhoud wordt door de gemeente uitgevoerd, omdat dit de meest kostenefficiënte oplossing is. Voor de overname van deze watergangen moet het achterstallig baggeronderhoud vóór 2026 zijn weggewerkt.
Eind 2018 is de gemeente Waadhoeke gestart met een plan om het achterstallige baggeronderhoud binnen Onderhoud Stedelijk Water (OSW) uit te voeren. In 2019 en 2020 zijn voorbereidende werkzaamheden verricht, zoals het in kaart brengen van achterstallige locaties, het inpeilen van watergangen en het uitvoeren van een verkennend waterbodemonderzoek. Het baggerwerk in het kader van OSW vond plaats in het voorjaar van 2021 en werd in 2023 afgerond.
Na de afronding van dit baggerwerk is in 2024 een nieuwe baggerplanning opgesteld voor de periode 2025-2034, in samenwerking met Wetterskip Fryslân.
7.4.4.2 Vaarwater
Waar staan we nu?
In Waadhoeke speelt water een prominente rol in het landschap. Delen van het historische netwerk van waterwegen zijn nog steeds zichtbaar en vormen een belangrijk element in het cultuurhistorische landschap. Dit uitgebreide oppervlaktewatersysteem kan op sommige plaatsen ook als vaarweg worden gebruikt.
Waadhoeke beschikt over diverse vaarwegen. De provincie Fryslân bepaalt welke waterwegen als vaarwegen worden aangemerkt en wijst de verantwoordelijke vaarwegbeheerders aan. Aan deze vaarwegen zijn vaarwegklassen toegekend, waarbij recreatieve vaarwegen variëren van klasse Azm tot en met F vallen. Het Van Harinxmakanaal, dat het grondgebied van de gemeente doorkruist, is een beroepsvaarweg en valt onder het beheer van de provincie.
De vaarwegen worden onderverdeeld in beroeps- en recreatieve vaarwegen. De classificatie voor recreatieve vaarwegen is gebaseerd op de indeling in het Provinciaal Verkeers- en Vervoerplan (PVVP 2011). De indeling volgens het PVVP kent de klassen A tot en met F, waarbij A de hoogste klasse is en F de laagste klasse wat betreft de grootte van het maatgevend schip dat op een vaarweg moet kunnen varen. Hieronder staat een weergave van de klassenindelingen.
De gemeente is verantwoordelijk voor het onderhoud van het vaarwater en nautisch beheer binnen havens en woonwijken. Daarnaast voert de gemeente onderhoud uit aan secundaire watergangen, vergelijkbaar met schouwsloten. Voor andere wateren waarop gevaren kan worden, zoals kanoroutes, opvaarten en watergangen in woonwijken en haventjes, heeft de provincie geen specifieke vaarwegbeheerders aangewezen.
Het beheer van oevers langs vaarwegen is apart geregeld. In 2024 heeft de provincie Fryslân vastgesteld wie verantwoordelijk is voor het beheer en onderhoud van de oevers langs alle Friese vaarwegen. Dit heeft geleid tot een samenwerkingsovereenkomst tussen de gemeenten op het Friese vasteland, Wetterskip Fryslân en de provincie Fryslân. Hierdoor is er duidelijkheid over het beheer van de 1.760 kilometer aan oevers in Friesland.
Binnen bebouwd gebied vallen de oevers van vaarwegen voornamelijk onder het beheer van de gemeente en particuliere eigenaren. In het landelijk gebied zijn de oevers grotendeels in beheer bij Wetterskip Fryslân en particuliere grondeigenaren. Voor particuliere eigenaren is er een subsidieregeling beschikbaar via het Oeverfonds, dat is ingesteld door de provincie en gemeenten (https://www.fryslan.frl/oeverfonds).
Classificatie vaarwegen
Klasse
Omschrijving
Hoogte
Diepgang
Vaarwegbeheerder
Grenzen beheerzone
Azm
Grote zeewaardige boten
30 meter
2,10 meter
Provincie Fryslân
10 meter
Bzm
Niet Zeewaardige (zeil)boten
30 meter
1,90 meter
Provincie Fryslân
10 meter
Czm
Niet Zeewaardige (zeil)boten
30 meter
1,70 meter
Provincie Fryslân
5 meter
Cm
Grote motorboten
3 meter
1,50 meter
Provincie Fryslân
5 meter
Dm
Motorboten
2,50 meter
1,30 meter
Provincie Fryslân
5 meter
E
Kleine zeil- en motorboten
2 meter
1 meter
Wetterskip Fryslân
5 meter
F
Sloepen
1,50 meter
0,80 meter
Wetterskip Fryslân
5 meter
G
Kano’s
n.v.t.
n.v.t.
Geen vaarwegbeheer aangewezen
n.v.t.
7.4.4.3 Drinkwater
Waar staan we nu?
Schoon drinkwater is een essentiële levensbehoefte. Wereldwijd wordt de beschikbaarheid ervan erkend als een cruciale uitdaging, wat terugkomt in Sustainable Development Goal 6 (SDG 6) van de Verenigde Naties. In Nederland gebruiken we gemiddeld 120 liter drinkwater per persoon per dag voor diverse activiteiten. Door bevolkingsgroei en economische ontwikkeling neemt de vraag naar drinkwater toe, terwijl klimaatverandering leidt tot langere droge periodes in de zomer. Drinkwaterbedrijven maken daarom investeringsplannen om de infrastructuur te onderhouden en te verbeteren, bijvoorbeeld door het vernieuwen van waterleidingen en het inspelen op toekomstige uitdagingen.
In Fryslân is Vitens verantwoordelijk voor de winning, zuivering en levering van drinkwater. In het noordwesten van Fryslân wordt geen drinkwater gewonnen, omdat het grondwater in dit gebied niet geschikt is voor drinkwaterproductie. Fryslân beschikt echter over een grote voorraad schoon, zoet grondwater, dat de voorkeursbron is voor drinkwater volgens de Drinkwaterstrategie Fryslân 2050.
Grondwater is van nature schoon, brengt minimale risico’s voor de volksgezondheid met zich mee en vereist relatief weinig energie en kosten om te zuiveren. Uit de Strategische Grondwaterstudie Fryslân (2019) blijkt bovendien dat er voldoende zoet grondwater beschikbaar is. Momenteel wordt veel schoon grondwater ongebruikt afgevoerd naar zee via het oppervlaktewatersysteem. Door monitoring houden we zicht op de kwaliteit en kwantiteit van het grondwater en de relatie met drinkwatervoorziening.
Vitens bewaakt het waterverbruik in Waadhoeke en zorgt ervoor dat er voldoende kraanwater beschikbaar blijft in Fryslân. Tijdens warme en droge periodes stijgt het waterverbruik door extra douchen, het besproeien van tuinen en het vullen van zwembaden. Bij langdurige droogte roept het drinkwaterbedrijf op om bewuster om te gaan met water en het verbruik beter over de dag te spreiden.
Een betrouwbare drinkwatervoorziening is van groot belang, omdat uitval van de levering grote overlast kan veroorzaken voor huishoudens, zorginstellingen en bedrijven. Drinkwaterbedrijven stellen daarom leveringsplannen op om verstoringen, zoals leidingbreuken of crisissituaties, effectief op te vangen.
Om de drinkwatervoorziening in de toekomst zeker te stellen, heeft het Rijk het Actieplan Leveringszekerheid Drinkwater en het Actie-programma Beschikbaarheid Drinkwaterbronnen 2023-2030 opgesteld. Hierin is onder meer vastgelegd dat er extra drinkwaterwinlocaties moeten komen, zoals de nieuwe waterwinning in Luxwoude. Daarnaast werkt Vitens samen met Wetterskip Fryslân, de provincie en gemeenten aan maatregelen om water te besparen. Op landelijk niveau wordt onderzocht of een keurmerk voor waterbesparende producten kan bijdragen aan een duurzamer waterverbruik.
7.4.4.4 Waterveiligheid
Waar staan we nu?
Waterveiligheid in Fryslân betekent bescherming tegen overstromingen vanuit zowel het hoofdwatersysteem als het regionale watersysteem. Om voorbereid te zijn op extreme situaties hanteert de provincie het principe van meerlaagsveiligheid, bestaande uit drie lagen:
Preventie – De eerste laag bestaat uit dijken en andere waterkeringen die het achterland beschermen tegen overstromingen. Deze waterveiligheidsnormen zijn juridisch vastgelegd.
Ruimtelijke inrichting en locatiekeuze – De tweede laag richt zich op ruimtelijke ordening. Door een doordachte inrichting van het landschap kunnen waterproblemen zoals overlast en schade worden voorkomen.
Calamiteitenbeheersing – De derde laag omvat crisisplannen voor overstromingen om maatschappelijke ontwrichting te minimaliseren en snel herstel mogelijk te maken.
De primaire waterkering in Waadhoeke ligt langs de Waddenzeekust. Wetterskip Fryslân beoordeelt deze waterkering elke 12 jaar om te controleren of deze voldoet aan de wettelijke normen. Waar nodig worden dijkvakken versterkt, zodat ze weer minimaal 50 jaar aan de eisen voldoen. Deze dijkversterkingen worden uitgevoerd door Wetterskip Fryslân en Rijkswaterstaat, met financiering vanuit het landelijke Hoogwaterbeschermingsprogramma (HWBP).
De provincie Fryslân keurt projectplannen voor dijkversterkingen goed en houdt daarbij rekening met diverse belangen, zoals natuurwaarden, landbouw, recreatie, cultuurhistorie en omgevingskwaliteit. Bij dijkversterkingen wordt ook gekeken naar koppelkansen, waarbij meerdere opgaven tegelijk worden aangepakt. Zo wordt bij de versterking van de dijk tussen Koehool en Lauwersmeer onderzocht hoe waterveiligheid en natuurdoelen gecombineerd kunnen worden. Naast de huidige dijkversterkingen zullen op de lange termijn extra maatregelen nodig zijn om de stijgende zeespiegel bij te houden.
Naast primaire waterkeringen spelen ook regionale waterkeringen een belangrijke rol. Dit zijn boezemkaden en polderdijken die bescherming bieden tegen overstromingen vanuit de Friese boezem. De provincie Fryslân wijst deze regionale waterkeringen aan en stelt de normen vast. Wetterskip Fryslân is verantwoordelijk voor het beheer, onderhoud en naleving van deze normen.
7.4.4.5 Waterkwaliteit
Waar staan we nu?
Water van goede kwaliteit is essentieel voor ons dagelijks leven. Het is nodig voor drinkwater, landbouw, recreatie en natuur. Waterkwaliteit omvat zowel:
Ecologische kwaliteit: biodiversiteit, de aanwezigheid van flora en fauna in, op en langs het water.
(Fysisch-)chemische kwaliteit: aanwezigheid van stoffen in het water.
In Europees verband is afgesproken dat grond- en oppervlaktewater beschermd moeten worden en dat achteruitgang in kwaliteit en kwantiteit moet worden voorkomen. Provincie Fryslân, Wetterskip Fryslân, Friese gemeenten en Vitens werken al jaren aan waterkwaliteitsverbetering. Hierdoor is onder andere de doorzichtigheid van oppervlaktewater verbeterd en zijn vismigratieroutes verbeterd. Toch blijft de ecologische waterkwaliteit en nutriëntenbelasting achter bij de gestelde doelen. Aanvullende maatregelen zijn nodig om deze ambities te behalen.
De Europese Kaderrichtlijn Water (KRW) stelt als doel dat uiterlijk in 2027 alle wateren zowel chemisch (schoon) als ecologisch (gezond) op orde zijn. Dit is een wettelijke verplichting, en het niet halen van de doelen kan economische sancties tot gevolg hebben. In de KRW-beslisnota 2022-2027 zijn haalbare en betaalbare maatregelen vastgelegd.
Niet alle oppervlaktewateren vallen onder de KRW, zoals wateren in polders, stadswateren, kleine natuurgebieden en boerensloten. Deze maken echter 50% van het Friese oppervlaktewater uit en spelen een belangrijke rol bij het behalen van de KRW-doelen. Schonere wateren in deze deelsystemen dragen bij aan de verbetering van KRW-wateren. Daarom wordt in elke Friese gemeente periodiek een inventarisatie uitgevoerd, waarbij Waadhoeke in 2025 aan de beurt is.
Wetterskip Fryslân en de gemeente Waadhoeke werken samen aan de ecologische waterkwaliteit in de bebouwde omgeving. Dit gebeurt door het opstellen van streefbeelden, gericht op: bedekkingsgraad en diversiteit van water- en oeverplanten, doorzicht van het water en gehalten nutriënten (zoals stikstof en fosfaat).
Provincie Fryslân ondersteunt dit proces met begeleiding en ecologische expertise. Bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen wordt via de watertoets aandacht besteed aan ecologische waterkwaliteit en belevingswaarde. Het streven is om deze toets al in een vroeg stadium van gebiedsontwikkeling toe te passen.
Voor een betere natuurontwikkeling langs waterkanten is meer variatie in waterstanden gewenst. Daarom experimenteert Wetterskip Fryslân sinds 2021 met ecologisch peilbeheer. Dit betekent dat in bepaalde periodes de waterstand tijdelijk hoger wordt gehouden om rietgroei te stimuleren. Dit draagt bij aan: schonere waterkwaliteit (riet filtert het water), een gezonder waterleven (vissen gebruiken riet als schuil- en paaigebied) en bescherming van oevers (wortelstelsels van riet versterken de oever). Dit experiment loopt tot 2026, waarna de effecten worden geëvalueerd.
Water van een goede kwaliteit speelt een grote rol in ons leven: als drinkwater, voor de zoetwatervoorziening van de landbouw, als water om in te zwemmen, voor natuur en biodiversiteit in brede zin. Onder waterkwaliteit verstaan we zowel de ecologische kwaliteit (biodiversiteit, soorten die in het water leven zoals waterplanten en vis) en de (fysisch-)chemische kwaliteit (stoffen).
7.4.4.6 Verzilting
Waar staan we nu?
Langs de Friese kustzone komt zout grondwater voor, vaak al op enkele meters diepte. Daarnaast stroomt jaarlijks ongeveer 47 miljoen m³ zout grondwater vanuit de Waddenzee onder de zeedijk het zeekleigebied van Fryslân in. In lager gelegen gebieden komt dit zoute grondwater omhoog, waardoor verhoogde zoutgehaltes ontstaan in zowel de bodem als het oppervlaktewater. Dit proces, bekend als verzilting, kan schadelijk zijn voor de landbouw.
Door klimaatverandering stijgt de zeespiegel en neemt de verdamping in de zomer toe. Dit versnelt de verzilting van het kleigebied. Daarnaast draagt bodemdaling door gas- en zoutwinning in het noordwestelijke kleigebied bij aan dit probleem. Hierdoor zal de beschikbaarheid van zoetwater in de toekomst afnemen.
Veel van het zoute kwelwater komt terecht in drainage en sloten, waardoor het oppervlaktewater in delen van de noordelijke kleipolders te zout wordt voor beregening. Voor gewasteelt, maar ook voor grasland is daarom aanvoer van zoet oppervlaktewater noodzakelijk. Het Wetterskip voert hiervoor zoet water vanuit de Friese boezem aan en spoelt hiermee tegelijkertijd de sloten door.
Maatregelen tegen verzilting: op perceel niveau kunnen grondeigenaren/agrariërs zelf maatregelen nemen om verzilting en de gevolgen ervan te beperken, zoals:
Antiverziltingsdrainage: een effectieve methode om lokaal zout uit de bodem af te voeren.
Goed bodembeheer: behoud van een gezonde bodemstructuur kan de impact van verzilting verminderen.
Gewasontwikkeling: het kweken van rassen die beter bestand zijn tegen zoute omstandigheden.
Bewust omgaan met sloten en drainage: ingrepen in perceelsloten en afwaterings-systemen kunnen verzilting onbedoeld verergeren.
Het project “Boeren meten water” stimuleert agrariërs om zelf het zoutgehalte in bodem en water te meten. Dit draagt bij aan bewustwording en beter waterbeheer op perceel niveau.
Aangezien het watersysteem op regionaal niveau functioneert is een beleidsmatige aanpak nodig om verzilting tegen te gaan. Dit kan door het verkennen en uitvoeren van maatregelen in het watersysteem om de doorstroming en beschikbaarheid van zoet water te verbeteren. Bovendien is kennisontwikkeling en onderzoek nodig naar effectieve strategieën om verzilting te beperken en een gedegen ruimtelijke planning: ontwikkelingen kunnen verzilting versterken of juist vertragen, wat vraagt om zorgvuldige afwegingen in beleidskeuzes.
Om deze uitdagingen aan te pakken, is de gemeente Waadhoeke sinds 2023 partner van het Kenniscluster Stichting Salta. Daarnaast is verzilting als één van de speerpunten opgenomen in de regiodeal van Noardwest Fryslân, gezien het grote belang van dit thema voor het gebied.