Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 8. › Paragraaf

Artikel 8.3.1.

Herstelaanbod

Onderdeel van Beleidsregels gemeentelijke taken uitvoering Wet kinderopvang gemeente Harderwijk

Gemeente Harderwijk en de GGD-NOG werken met de werkwijze "herstelaanbod". Dit is een uitwerking van de handhavingsmaatregel "overleg en overreding". Een herstelaanbod is het aanbod van de toezichthouder kinderopvang aan de houder om, binnen de door de toezichthouder gestelde tijd, een geconstateerde overtreding te herstellen. Dit gebeurt voordat het conceptrapport is opgesteld. Door te werken met herstelaanbod verwacht de gemeente dat een overtreding sneller is beëindigd. Daarnaast verwacht de gemeente dat het aanbieden van een herstelaanbod op zowel de kortere als langere termijn een positief effect zal hebben op de kwaliteit van de kinderopvang. Het herstelaanbod kan worden aangeboden bij alle type voorzieningen, bij een onderzoek na registratie, een jaarlijks onderzoek en een incidenteel onderzoek. Het wordt niet bij een onderzoek voor registratie of bij een nader onderzoek aangeboden. De toezichthouder beoordeelt of de aard en omstandigheid zich leent voor herstelaanbod. De periode tot herstel is maximaal 4 weken. De toezichthouder schrijft in het inspectierapport het verloop van het aanbod. De houder is niet verplicht om van het aanbod gebruik te maken. Elke overtreding kan in aanmerking komen voor herstelaanbod, tenzij: aard en ernst van de overtreding zich niet leent voor het herstelaanbod; er te veel overtredingen zijn; de houder in de voorgaande 3 jaar al in de gelegenheid is gesteld om dezelfde of een vergelijkbare overtreding op te heffen; de toezichthouder direct gemeentelijk ingrijpen noodzakelijk acht; herstel niet mogelijk is binnen de onderzoeksperiode; Recidive, als een overtreding voor een tweede keer of vaker is begaan. Kinderopvanglocaties waar de kwaliteit structureel tekortschiet, komen doorgaans niet voor een herstelaanbod in aanmerking omdat zij niet aan de criteria voldoen. De afweging of een houder een herstelaanbod krijgt en welke termijn daarvoor geldt ligt bij de toezichthouder. Daarmee is een herstelaanbod ook geen vooraf vaststaand recht. De toezichthouder bespreekt verbetermaatregelen en legt de nodige afspraken vast. Na afloop van de afgesproken periode beoordeelt de toezichthouder of een overtreding structureel is opgeheven. Dit aanbod leidt tot snellere inzet van het herstel en een betere inschatting van de nalevingsbereidheid. De toezichthouder beschrijft in het rapport de overtreding én of het herstelaanbod op tijd is nagekomen. Daarbij kijkt de toezichthouder vooral of de overtredingen hersteld zijn en of de kwaliteit structureel verbeterd is. Na afloop van de onderzoeksperiode geeft de toezichthouder een advies aan het college. Het college weegt de oorspronkelijke overtreding en de resultaten van herstelaanbod mee bij haar beslissing om wel of niet te handhaven

Rechtspraak bij dit artikel