Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 14

Spreekrecht burgers

Onderdeel van Reglement van orde voor de vergaderingen van de raadscommissies gemeente Boekel 2026

1.. Burgers kunnen gezamenlijk gedurende maximaal dertig minuten het woord voeren over alle onderwerpen die tot de competentie van de commissie behoren. 2.. Het woord kan niet gevoerd worden over: een besluit waartegen bezwaar en/of beroep openstaat of heeft opengestaan; benoemingen, keuzen, voordrachten of aanbevelingen van personen; een gedraging waarover een klacht ex artikel 9:1 van de Algemene wet bestuursrecht kan of kon worden ingediend. 3.. Degene, die van het spreekrecht gebruik wil maken, meldt dit uiterlijk 12 uur voor aanvang van de vergadering aan de commissiegriffier. 4.. De voorzitter verleent elke spreker maximaal vijf minuten het woord. De voorzitter verdeelt de spreektijd evenredig over de sprekers als er meer dan zes sprekers zijn. In bijzondere gevallen kan de voorzitter afwijken van de maximale lengte van de spreektijd. 5.. De voorzitter stelt de leden van de commissie in de gelegenheid om de inspreker verduidelijkingsvragen te stellen. 6.. Ingeval van agendering van een bestemmingsplan voor een commissievergadering wordt de indieners van een zienswijze gevraagd of zij hierover in de commissievergadering willen inspreken. Dit is een afzonderlijk agendapunt. Hiervoor gelden dezelfde afspraken als voor het spreekrecht zoals omgeschreven in artikel 1 tot en met 5 van dit artikel.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel