Tenzij het onderhoud betreft door of namens de provincie is het verboden:
in de loop of de minimaal benodigde vaarwegdiepte van een vaarweg verandering te brengen;
boven, op, in, onder, langs een vaarweg of binnen drie meter, horizontaal gemeten vanuit de oeverlijn, werken aan te brengen, te houden, te veranderen of te verwijderen;
een ligplaats of enige andere voorziening bestemd voor het meren van schepen te maken, te hebben of te veranderen.
Hoofdstuk › Paragraaf
Artikel 4.6: