Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2.3

Inkomsten uit commerciële (onder-)verhuur

Onderdeel van Beleidsregels Inkomen Participatiewet gemeente Midden-Delfland 2026

1.. Het college verstaat onder een marktconforme en commerciële prijs zoals bedoeld in artikel 19a, eerste lid onderdelen b en c van de wet, een huurprijs van ten minste € 310,- per maand; 2.. De inkomsten zoals bedoeld in artikel 33, vierde lid van de wet worden in de situatie waarbij sprake is van (onder-)verhuur, op de uitkering van de verhuurder in mindering gebracht, onder aftrek van € 70,00 per maand. 3.. Bij drie of meer (onder-)huurders wordt de (onder-)verhuurder geacht een bedrijf te exploiteren en dient voor bijstand een beroep te worden gedaan op het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen 2004. 4.. Ten aanzien van het gestelde in het eerste lid, moet aan de volgende voorwaarden worden voldaan: De afspraken over (onder-)huur of (onder-)verhuur van (een deel van) de woning moeten schriftelijk zijn vastgelegd in een huurovereenkomst; en De belanghebbende toont de huurovereenkomst en bankafschriften waaruit duidelijk blijkt dat de werkelijke prijs feitelijk wordt betaald. 5.. In de huurovereenkomst is ten minste opgenomen: wie de huurder is; wie de verhuurder is; de huurprijs (all-in of uitgesplitst in kale huur en servicekosten); het adres en de omschrijving van het gehuurde; de datum van ingang van het huurcontract; het tijdstip en de wijze van betaling; de datum waarop jaarlijks de huur wordt verhoogd; en de handtekening van de huurder en de verhuurder.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel