Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 4:

Artikel 16.

Eigen bijdrage in de kosten van maatwerkvoorzieningen

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Simpelveld 2026

1.. Een cliënt is een eigen bijdrage in de kosten verschuldigd voor een maatwerkvoorziening (in natura, PGB en/of financiële tegemoetkoming) zolang de cliënt van de maatwerkvoorziening gebruik maakt of gedurende de periode waarvoor de maatwerkvoorziening is verstrekt. 2.. De bijdrage voor maatwerkvoorzieningen (in natura, PGB of financiële tegemoetkoming) bedraagt het uit de wet en de AMvB voortvloeiende maximale bedrag per maand tenzij op grond van de wet en of de AMvB géén of een lagere bijdrage is verschuldigd. 3.. Voor een cliënt tot 18 jaar wordt geen eigen bijdrage in de kosten, zoals bepaald in artikel 16 lid 1 van de verordening, gehanteerd voor een maatwerkvoorziening, met uitzondering van een woningaanpassing. 4.. De eigen bijdrage voor een maatwerkvoorziening ten behoeve van een woningaanpassing voor een minderjarige cliënt is verschuldigd door de onderhoudsplichtige ouders. Daaronder begrepen degene aan wie een op artikel 394 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek gegrond verzoek is toegewezen, en degene die anders dan als ouder samen met de ouder het gezag uitoefent over een cliënt (tenzij de ouders van het gezag over de cliënt zijn ontheven of ontzet). 5.. Voor de persoon aan wie een maatwerkvoorziening is verstrekt, is de verschuldigde eigen bijdrage in de kosten van maatschappelijke ondersteuning, niet hoger dan de kostprijs van de maatschappelijke ondersteuning. 6.. De kostprijs van een: maatwerkvoorziening in natura wordt bepaald door een aanbesteding, na consultatie in de markt of na overleg met de aanbieder; PGB wordt bepaald aan de hand van de hoogte van het PGB conform het gestelde in artikel 14. 7.. Bijdrage in de kosten voor collectief vraagafhankelijk vervoer (CVV): In afwijking van het tweede lid en artikel 2.1.4a vierde lid van de wet bedraagt de hoogte van de eigen bijdrage voor de maatwerkvoorziening in de vorm van CVV € 0,83 per zone, waarbij tevens altijd een opstapzone (€ 0,83) in rekening wordt gebracht. De onder a. genoemde bedragen zijn uitgedrukt in het prijspeil van 2021 en worden ieder opvolgend kalenderjaar gewijzigd aan de hand van de ontwikkeling van de Landelijke Tarieven Index (LTI).

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel