Naar hoofdinhoud

Artikel 9.

Aanvullende toetsingscriteria voor monumenten en beeldbepalende panden

Onderdeel van Nadere regels Subsidie Verduurzamen

1.. De subsidiabele maatregelen moeten voldoen aan de volgende minimale isolatiewaarden en oppervlaktes. Deze zijn in lijn met de ISDE voor monumenten en beeldbepalende panden ISDE: voor monumenteigenaren | RVO.nl. 2.. Voor monumenten en beeldbepalende panden geldt dat de maatregelen omkeerbaar dienen te worden uitgevoerd. 3.. De eigenaar-bewoner moet vooraf nagaan of een vergunning nodig is voor het uitvoeren van de maatregelen. Is een vergunning nodig, dan moet deze zijn verleend op het moment dat de maatregelen worden uitgevoerd. (Binnen)gevelisolatie dient minimaal een isolatiewaarde met Rd-waarde ≥ 2,5 (m2K/W) en een oppervlakte van minimaal 10m2 te bedragen, in het geval van spouwmuurisolatie geldt er een Rd-waarde van ≥ 1,1 (m2K/W), de overige voorwaarden blijven gelijk; Vloerisolatie dient minimaal een isolatiewaarde met een Rd-waarde ≥ 2,5 (m2K/W) en een oppervlakte van minimaal 20m2 te bedragen; Bodemisolatie dient minimaal een isolatiewaarde met een Rd-waarde ≥ 2,5 (m2K/W) en een oppervlakte van minimaal 20m2 te bedragen; Bij een combinatie van isolatiesoorten mogen deze niet boven elkaar worden toegepast op dezelfde vloerlaag. Dit is wel toegestaan in verschillende ruimten. De maximale oppervlakte voor een combinatie van vloer- en bodemisolatie is 130 m2; De maximale oppervlakte waarvoor woningeigenaren subsidie krijgen is 200 m2 bij combinatie van dakisolatie en vlieringvloerisolatie; Zolder/vliering en dakisolatie dient minimaal een isolatiewaarde met een Rd-waarde ≥ 2,5 (m2K/W) en een oppervlakte van minimaal 20m2 te bedragen; Kozijnpanelen dienen minimaal een isolatiewaarde met een U-waarde ≤ 3 (W/m2K) en een oppervlakte van minimaal 3m2 te bedragen (eventueel in combinatie met isolerende deuren); Bij Triple glas moet ook het kozijn worden vervangen, waarbij het nieuwe kozijn een U-waarde van maximaal 1,5 (W/m2K) moet hebben. Het glas dat wordt plaatst in monumentale en beeldbepalende woningen mag een isolatiewaarde hebben van maximaal 5,8 (W/ m2K). Door deze versoepeling komen eigenaren van monumenten nu ook in aanmerking voor subsidie bij voor- of achterzetbeglazing. Rolluiken, screens, knikarmen, zonneschermen en markiezen dienen minimaal 70 % wering te geven en aan de buitenzijde van de woning te worden geplaatst; Isolerende deuren dienen minimaal een isolatiewaarde met een U-waarde ≤ 2,0 (W/m2K/) te hebben; Warmte-terugwin-installaties moeten energiezuinige ventilatiemaatregelen zijn die voor de eerste keer aangelegd zijn. Het systeem is een CO2-gestuurde ventilatie of een systeem voor balansventilatie met warmteterugwinning met een rendement van ten minste 90%; Het energieadvies wordt verstrekt door een duurzame monumentenadviseur en geeft inzicht in mogelijk te nemen duurzaamheidsmaatregelen en maakt de zorgvuldige afweging tussen historische waarden en energiebesparing. 4.. Bij het uitvoeren van spouwmuurisolatie, gevelisolatie en/of isolatie aan de bovenzijde van het dak dient de aanvrager aan te tonen dat is voldaan aan de regels, bedoeld in afdeling 11.2 van het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal). Dit kan door middel van: Uitslag van een ecologisch onderzoek Negatieve uitslag van een eDNA test Bewijs van natuurvriendelijk isoleren (NVI) 5.. Bij een combinatie van vloerisolatie en bodemisolatie moet dit zijn toegepast binnen de bestaande thermische schil en mag dit niet boven elkaar toegepast worden, maar wel in verschillende ruimten worden toegepast. 6.. Bij een combinatie van zolderisolatie en vlieringisolatie moet dit zijn toegepast binnen de bestaande thermische schil en mag dit niet boven elkaar worden toegepast, maar wel op verschillende plekken in de woning. 7.. De aanvrager ontvangt alleen subsidie voor isolerende deuren en/of isolerende panelen in kozijnen als hij die toepast in combinatie met HR++, triple- of vacuümglas. 8.. Voor energiezuinig ventilatie systeem met een warmte-terugwin-installaties (WTW) kan alleen subsidie worden aangevraagd in combinatie met minimaal 1 isolatiemaatregel zoals genoemd in artikel 6, die voldoet aan de voorwaarden in artikel 9. 9.. Voor een warmtepomp gelden de volgende voorwaarden: De warmtepomp dient een nieuw product te zijn. De warmtepomp wordt uitsluitend gebruikt voor ruimteverwarming of voor de verwarming van tapwater. De subsidie is niet van toepassing op de aanschaf van een warmtepompdroger. De installatie van de warmtepomp dient te worden uitgevoerd door een bouwinstallatiebedrijf. De warmtepomp wordt geïnstalleerd in een woning: a. met een bouwjaar van vóór 2019; of b. een woning waarvan is aangetoond dat de omgevingsvergunning voor de bouw vóór 1 juli 2018 is aangevraagd en verleend. 10.. Voor een zonneboiler gelden de volgende voorwaarden: De zonneboiler is nieuw. De zonneboiler bestaat uit collectoren, een boilervat en circulatiepomp. De installatie van de zonneboiler dient te worden uitgevoerd door een bouwinstallatiebedrijf. De zonneboiler wordt geïnstalleerd in een woning: a. met een bouwjaar van vóór 2019, of b. een woning waarvan is aangetoond dat de omgevingsvergunning voor de bouw vóór 1 juli 2018 is aangevraagd en verleend.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel