**1..** Na het onderzoek verstrekt het college aan de jeugdige en/of zijn ouder(s) dan wel zijn wettelijk vertegenwoordiger het plan van aanpak, waar onder andere het uitgevoerde onderzoek en het in verband daarmee gevoerde gesprek is beschreven. Opmerkingen of latere aanvullingen van de jeugdige of zijn ouder(s) dan wel zijn wettelijk vertegenwoordiger worden door hen aan het plan van aanpak toegevoegd.
**2..** Het college vergewist zich ervan dat de jeugdige en/of zijn ouder(s) dan wel zijn wettelijk vertegenwoordiger de uitleg over de uitkomsten van het onderzoek hebben begrepen. Met toestemming van de jeugdige en/of ouder(s) worden in het plan van aanpak afspraken opgenomen over het moment en de wijze waarop de resultaten uit het plan van aanpak met de jeugdige en/of ouder(s), het wijkteam en de jeugdhulpaanbieder besproken worden.
**3..** Als uit het plan van aanpak of de opmerkingen of latere aanvullingen van de jeugdige of zijn ouder(s) dan wel zijn wettelijk vertegenwoordiger blijkt dat een individuele voorziening is aangewezen of gewenst is, wordt het plan van aanpak ondertekend door de jeugdige en/of zijn gezaghebbende ouder(s) dan wel zijn wettelijk vertegenwoordiger en door deze teruggestuurd.
**4..** Als uit het plan van aanpak blijkt dat gezamenlijke conclusie is dat de hulpvraag kan worden opgelost met eigen mogelijkheden en het eigen probleemoplossend vermogen, dan wel door gebruik van een andere of algemene voorziening, dan wordt het plan van aanpak ondertekend door de jeugdige en/of zijn gezaghebbende ouder(s) dan wel zijn wettelijk vertegenwoordiger en door deze teruggestuurd. In dat geval geldt het ondertekende plan van aanpak voor zover er een aanvraag was ingediend als intrekking van die aanvraag voor een individuele voorziening.