**1..** Een persoon heeft een langdurig laag inkomen als bedoeld in artikel 36, eerste lid, van de Participatiewet (Pw) als gedurende de referteperiode het in aanmerking te nemen inkomen niet hoger is dan 110% van de toepasselijke bijstandsnorm. Indien er sprake is van kostendelende inwoners is de geldende bijstandsnorm van toepassing zonder kostendelende medebewoners.
**2..** Geen recht op de individuele inkomenstoeslag hebben personen die:
op de peildatum of in de referteperiode een uitkering op grond van de Wet op de Studiefinanciering 2000 of de Wet Tegemoetkoming Onderwijsbijdrage en Schoolkosten hebben genoten en uitzicht hebben op inkomensverbetering;
op de peildatum of in de 12 maanden daaraan voorafgaand in een WLZ-inrichting, RIBW-inrichting of een andere instelling bedoeld voor beschermd wonen verbleven, zonder zelfstandig te wonen en zonder vaste woonkosten- en/of woonlasten te hebben.
**3..** Een verzoek als bedoeld in artikel 36, eerste lid, van de Participatiewet, wordt ingediend middels een door het college vastgesteld(e) formulier. Personen die 36 maanden of langer aaneengesloten een uitkering op grond van de Participatiewet ontvangen én voldoen aan de voorwaarden zoals beschreven in lid 1 en 2, hoeven voor het kalenderjaar 2026 geen verzoek in te dienen. Zij krijgen de individuele inkomenstoeslag eenmaal per 12 maanden ambtshalve uitgekeerd.
HOOFDSTUK 4 › Paragraaf 4.3
Artikel 46.
Langdurig laag inkomen
Onderdeel van Verordening sociaal domein gemeente Haarlemmermeer 2026