Naar hoofdinhoud

Artikel 16:

Gedragingen in het aangepast vervoer

Onderdeel van Nadere regels Bekostiging leerlingenvervoer Gemeente Beekdaelen 2026

16.1.. Ongewenst gedrag Een leerling aan wie een vervoersvoorziening in de vorm van aangepast vervoer is verstrekt, kan tijdelijk of voor de rest van het schooljaar de toegang tot dit vervoer ontzegd worden indien bij herhaling is gebleken dat de leerling (of diens ouders) door onaanvaardbaar wangedrag of anderszins de orde in de bus verstoort of de veiligheid van bus en inzittenden in gevaar brengt. Eerste melding: De vervoerder probeert het probleem op te lossen en doet, indien geen verbetering optreedt, een schriftelijke melding bij de gemeente. De vervoerder vermeldt welke contactmomenten met ouders hebben plaatsgevonden. Tweede melding: De gemeente onderzoekt de melding en spreekt met vervoerder, chauffeur, ouders en/of school. Bij toerekenbaar wangedrag volgt een gesprek met ouders en eventueel de leerling, een waarschuwingsbrief en een schorsing van één dag. Indien het gedrag voortkomt uit een ernstige beperking van de leerling wordt samen met ouders, vervoerder en eventueel de school naar een passende oplossing gezocht (zoals begeleiding, OV of eigen vervoer). Derde melding: Een tweede waarschuwingsbrief volgt, inclusief waarschuwing dat uitsluiting mogelijk is. De leerling wordt een week geschorst. Het leerrecht wordt betrokken. Vierde melding: De leerling wordt uitgesloten van vervoer tot het einde van het schooljaar, met een minimumduur van drie maanden (exclusief vakanties). Het leerrecht wordt betrokken. 162.. Zeer ernstig gedrag Bij wapenbezit, geweld, bedreiging, vernieling of anderszins ernstig onveilig gedrag kan direct worden geschorst voor de rest van het schooljaar. De ouder ontvangt hierover een brief. 16.3.. Loosmeldingen Bij tevergeefs aanbieden of ophalen van een leerling handelt de vervoerder als volgt: Op de heenrit informeert de chauffeur de centrale, die contact opneemt met ouders. Op de terugrit wordt hetzelfde gedaan en rijdt de chauffeur aan het einde van de route nogmaals langs het afzetadres. De leerling blijft in het voertuig totdat een ouder of netwerkpersoon aanwezig is. Bij herhaalde loosmeldingen: informeert de vervoerder de gemeente, volgt een gesprek met ouders en eventueel een waarschuwingsbrief, en bij aanhoudende situaties wordt dit beschouwd als wangedrag, met mogelijke schorsing (conform artikel 17.1).

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel