Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK II

Artikel 8.

Onderzoek geloofsbrieven, toelating en beëdiging raadsleden

Onderdeel van Verordening Raadswerk 2026

1.. Bij de benoeming van nieuwe raadsleden stelt de raad een commissie geloofsbrieven in bestaande uit drie raadsleden van verschillende fracties. 2.. De commissie onderzoekt de geloofsbrieven en de daarop betrekking hebbende stukken van de nieuw benoemde raadsleden en brengt vervolgens advies uit aan de raad over de toelating van de nieuw benoemde raadsleden tot de raad. Indien gewenst, wordt van een minderheidsstandpunt melding gemaakt in dit advies. 3.. Na de raadsverkiezingen onderzoekt de commissie het proces-verbaal dat is vastgesteld door het centraal stembureau en rapporteert hierover in de laatste raadsvergadering in oude samenstelling. 4.. Na een raadsverkiezing roept de voorzitter de toegelaten raadsleden op om in de eerste raadsvergadering in nieuwe samenstelling, bedoeld in artikel 18 van de Gemeentewet, de voorgeschreven eed of verklaring en belofte af te leggen. 5.. In geval van een tussentijdse vacaturevervulling roept de voorzitter in afwijking van het voorgaande een nieuw benoemd raadslid op voor de raadsvergadering waarin over diens toelating wordt beslist om de voorgeschreven eed of verklaring en belofte af te leggen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel