Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1.

Artikel 4.

Inrichting accountantscontrole

Onderdeel van Controle verordening Midden-Delfland

1.. De accountant bepaalt binnen het kader van de opdrachtverlening de wijze waarop de accountantscontrole wordt ingericht en de aard en omvang van de daarbij behorende werkzaamheden. 2.. De accountant vraagt voorafgaand aan de accountantscontrole de benodigde dossierstukken schriftelijk op bij een vertegenwoordiger van de ambtelijke organisatie. 3.. De accountant voert de controlewerkzaamheden uit met voorafgaande kennisgeving aan een vertegenwoordiger van de ambtelijke organisatie van de gemeente. 4.. Ter bevordering van een efficiënte en doeltreffende accountantscontrole vindt periodiek overleg plaats tussen de accountant, de auditcommissie, de portefeuillehouder financiën en een ambtelijke vertegenwoordiging.

Rechtspraak bij dit artikel