**1..** Burgemeester en wethouders stellen jaarlijks het subsidieplafond vast door middel van de subsidiestaat.
**2..** Deze nadere regel heeft subsidieplafonds voor de volgende activiteiten
Coördinatie en Informatievoorziening Plan Einstein (artikel 5 lid 1 sub a)
Huiskamer in de stad (artikel 5 lid 1 sub c)
2-jaarlijkse subsidie Activiteitenaanbod Plan Einstein Pijler 2 (artikel 5 lid 1 sub d)
2 jaarlijkse subsidie Activiteitenaanbod Plan Einstein Pijler 3 (artikel 5 lid 1 sub d)
Jaarlijkse subsidie activiteitenaanbod en innovatieve projecten Plan Einstein Pijler 2 (artikel 5 lid 1 sub e)
Jaarlijkse subsidie activiteitenaanbod en innovatieve projecten Plan Einstein Pijler 3 (artikel 5 lid 1 sub e)
**3..** Er is geen subsidieplafond voor de activiteit huiskamers bij de AZC’s (artikel 5 lid 1 sub b). Voor deze activiteit geldt een maximaal bedrag per capaciteitsplaats aan de hand van de rekenmethode zoals vermeld in artikelen 8 en 13.
**4..** De hoogte van de subsidieplafonds voor het Jaarlijks Activiteitenaanbod (onderdeel v en vi) is afhankelijk van de bijdrage van het COA aan de gemeente Utrecht. De subsidieplafonds worden uiterlijk 1 maand voor de uiterste aanvraagdatum vastgesteld en bekend gemaakt.
**5..** De subsidieplafonds i t/m iv kunnen jaarlijks worden geïndexeerd, voor het eerst in 2028.
**6..** Als het subsidieplafond voor een bepaalde subsidiabele activiteit niet wordt bereikt, wordt het resterende budget als volgt herverdeeld, in de volgorde van deze opsomming:
Resterend budget van het subsidieplafond van onderdeel i en ii in het eerste lid worden toegevoegd aan het subsidieplafond voor 2-jaarlijkse subsidie Activiteitenaanbod: 50% van het resterend bedrag aan onderdeel iii en 50% aan onderdeel iv.
Resterende budget voor het subsidieplafond van één van de pijlers binnen 2-jaarlijkse subsidie activiteitenaanbod wordt – als voor de andere pijler het subsidieplafond wel is bereikt- toegevoegd aan de andere pijler (onderdelen iii en iv). Als alle subsidies zijn verleend, gaat een eventueel resterend bedrag terug naar de oorspronkelijke pijler.
Als dan op onderdelen iii en/ of iv het subsidieplafond niet wordt bereikt wordt het resterend budget voor 2-jaarlijkse subsidie activiteitenaanbod (onderdelen iii en iv) toegevoegd aan het subsidieplafond van dezelfde pijler van de Jaarlijkse subsidie activiteitenaanbod en innovatieve projecten (v en vi).
Resterende budget voor het subsidieplafond van één van de pijlers binnen Jaarlijkse subsidie Activiteitenaanbod wordt – als voor de andere pijler het subsidieplafond wel is bereikt- toegevoegd aan de andere pijler (onderdelen v en vi)
Als op onderdelen v en vi het subsidieplafond niet wordt bereikt, kan het college een extra aanvraagmoment openstellen (artikel 7 lid 4).