Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2 › Paragraaf 2.3

Artikel 2.3.2

Weigeringsgronden van de huisvestingsvergunning

Onderdeel van Huisvestingsverordening Uithoorn 2026

1.. Burgemeester en wethouders weigeren de huisvestingsvergunning indien: het huishouden niet voldoet aan de toelatingscriteria genoemd in artikel 2.2.1; indien de woonruimte niet overeenkomstig het bepaalde in deze verordening te huur is aangeboden; het huishouden op grond van het bepaalde in artikel 15, tweede of vijfde lid, van de wet of paragraaf 2.6 niet voor de huisvestingsvergunning in aanmerking komt; het niet aannemelijk is dat het huishouden de woonruimte in gebruik zal nemen; het huishouden al beschikt over een huisvestingsvergunning; of, de corporatie, gelet op haar taak als toegelaten instelling of haar belang als verhuurder, daaronder mede begrepen haar verantwoordelijkheid voor de bescherming van de belangen van de overige huurders en voor de waarborging van het woongenot, redelijkerwijs het sluiten van een huurovereenkomst met aanvrager heeft kunnen weigeren. 2.. Burgemeester en wethouders verlenen de huisvestingsvergunning indien geen van de in het eerste lid genoemde weigeringsgronden zich voordoen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel