Naar hoofdinhoud
Ouders zijn verantwoordelijk voor het schoolbezoek en de begeleiding van hun kind of kinderen. Van ouders wordt verwacht dat zij in redelijkheid aanpassingen in hun leven maken, zodat zij de leerling naar school kunnen begeleiden of vervoeren. Te denken valt bijvoorbeeld aan: aanpassing van de werktijden; de aanschaf van een vervoersmiddel; het herverdelen van zorgtaken tussen ouders of verzorgers; de inzet van voor- of naschoolse opvang; De volgende belemmeringen kunnen maken dat begeleiding door ouders niet mogelijk is of tot ernstig nadeel voor het gezin leidt: De ouder van een één-oudergezin kan aantonen dat hij het werk of de inburgering niet langer kan uitoefenen wanneer hij zorg moet dragen voor de begeleiding van en naar school van de leerling. Hiervoor moet een werkgeversverklaring worden overgelegd met een weekrooster en werktijden. Het volgen van een voltijdsopleiding wordt gelijkgesteld met werk of de inburgering. Hiervoor moeten het inschrijfbewijs en het lesrooster worden overgelegd. De ouder van een één-oudergezin moet meerdere kinderen uit hetzelfde gezin, jonger dan negen jaar, tegelijkertijd naar een andere school brengen, waardoor het vervoer niet te combineren is. Het kind dat moet reizen naar het speciaal (basis)onderwijs kan in dit geval in aanmerking komen voor aangepast vervoer. Aannemelijk moet worden gemaakt dat een andere oplossing, zoals het inschakelen van buren of familie of voor- en naschoolse opvang, niet mogelijk is. Er zijn structurele medische redenen die ouders belemmeren om hun kind te begeleiden. Dit moet worden vastgesteld door een medisch deskundige, niet zijnde een huisarts. Het begeleiden van een kind van en naar school duurt langer dan drie uur per dag. Dit komt neer op minimaal drie kwartier per enkele reisafstand. Is de totale reistijd langer dan drie uur en is er aantoonbaar geen andere mogelijkheid om vervoer te combineren met andere leerlingen, dan kan de leerling in aanmerking komen voor aangepast vervoer. De volgende situaties worden niet aangemerkt als een belemmering in het begeleiden van kinderen naar school: Een twee-oudergezin waarin beide ouders werken op de dagen en tijden waarop de leerling begeleid of vervoerd moet worden. In gezinnen met twee ouders, moeten de ouders deze belemmering zelf wegnemen, ook wanneer dit gevolgen heeft voor het werk. Een twee-oudergezin met meerdere kinderen die naar verschillende scholen op opvanglocaties moeten worden gebracht. In gezinnen met twee ouders, moeten de ouders deze belemmering zelf wegnemen, ook wanneer dit gevolgen heeft voor het werk of de verdeling van zorgtaken. Wanneer begeleiding niet mogelijk is of tot ernstig nadeel voor het gezin leidt, bestaat alleen recht op aangepast vervoer wanneer ouders kunnen aantonen dat: de belemmering, bedoeld in het tweede lid, het brengen of vervoeren van de leerling verhindert; de ouders alle aanpassingen, als bedoeld in het eerste lid, naar vermogen hebben betracht; de ouders via school de ouders van klasgenoten om hulp hebben gevraagd; de ouders andere personen in hun omgeving om hulp hebben gevraagd; en er ondanks deze inspanningen voor het schoolgaan van de leerling nog steeds geen passende oplossing is gevonden.

Rechtspraak bij dit artikel