Sommige vervoersmiddelen zijn breed beschikbaar, betaalbaar en worden door veel mensen zonder beperking ook gebruikt. Deze gelden als algemeen gebruikelijk en worden in principe niet vergoed op grond van de Wmo. Een tweedehandsvoorziening kan ook een passende oplossing zijn.
Voorbeelden:
fiets met verlaagde instap;
tandem;
fiets met trapondersteuning;
(elektrische) bakfiets;
fietskar;
fietszitje voor het vervoeren van kinderen;
aanhaakfiets;
bromfiets;
scooter;
rollator;
kinderwandelwagens;
airconditioning in de auto;
automatische versnellingsbak;
stuurbekrachtiging;
uitneembare hoedenplank;
derde of vijfde autodeur;
elektrisch bedienbare portierruiten;
verstelbare lendensteunen op de voorstoel.
neerklapbare of inklapbare achterbank;
rembekrachtiging;
cruise control.
Alleen als er zwaarwegende redenen zijn waarom een voorziening in een specifieke situatie níet als algemeen gebruikelijk geldt, kan hiervan worden afgeweken.
Hoofdstuk 10. › Paragraaf 10.1
Artikel 10.1.4