Naar hoofdinhoud
De gemiddelde situatie De normtijden horen bij een huishouden met 1 of 2 volwassenen, zonder thuiswonende kinderen. Het gaat om een gewone zelfstandige woning (gelijkvloers of met een trap). Er wordt in die beginsituatie ervan uitgegaan dat: de cliënt de woning dagelijks op orde kan houden (zoals aanrecht afnemen, algemeen opruimen) zodat deze gereed is voor de schoonmaak; de cliënt zelf niet kan bijdragen aan de activiteiten die moeten worden uitgevoerd; er geen hulp wordt geboden vanuit de eigen leefeenheid zoals door familie, buren of vrijwilligers; er geen beperkingen of belemmeringen zijn die maken dat de woning extra vervuilt of dat de woning extra schoon moet zijn; de cliënt zelf de regie houdt over het huishouden. Vanuit deze basis berekent het Wmo-loket de benodigde tijd. Maatwerk: afwijken van de gemiddelde situatie Niet ieder huishouden is gemiddeld. Daarom kijkt het Wmo-loket naar drie groepen factoren. Leidt een factor aantoonbaar tot meer of minder werk, dan wordt de tijd aangepast. Kenmerken van de cliënt Eigen mogelijkheden Het gaat om wat de cliënt nog zelf kan: lopen, bukken, omhoog reiken, langer staan, activiteiten volhouden of overzicht houden. Ook de mogelijkheid om taken te leren of te trainen wordt meegewogen. Beperkingen en belemmeringen van de cliënt De benodigde ondersteuning wordt bepaald door de gevolgen van de problematiek, niet door de aandoening zelf. De gevolgen hiervan kunnen op twee manieren leiden tot extra ondersteuning: Meer schoonmaak of waswerk nodig Bijvoorbeeld meer vervuiling van de vloer door rolstoelgebruik, ernstige incontinentie, overmatig zweten, (ernstige) tremoren of besmet wasgoed (zoals bij een chemokuur). Extra grondige schoonmaak nodig Bijvoorbeeld om gezondheidsproblemen te voorkomen bij allergie, astma of COPD in combinatie met allergie/huisstofmijt. Eerst wordt onderzocht of de cliënt, met eigen mogelijkheden, inzet van het netwerk en de basisuren huishoudelijke hulp, (een deel van) dit hogere niveau van schoonmaken kan realiseren. Van de cliënt wordt daarnaast verwacht dat hij of zij zelf maatregelen neemt om de extra inzet te beperken. Voorbeelden zijn het inschakelen van een incontinentieverpleegkundige of het saneren van de woning. Ondersteuning vanuit netwerk of mantelzorg Als structureel en duurzaam een deel van de taken door mantelzorgers of vrijwilligers kan worden overgenomen, is minder professionele inzet nodig. Kenmerken van het huishouden Samenstelling Als er meerdere slaapkamers in gebruik zijn kan er extra schoonmaaktijd worden toegekend. Zijn er kinderen, dan zijn vaak meer ruimtes in gebruik en is er meer was. Het Wmo-loket houdt rekening met de leeftijd en mogelijkheden van kinderen, net als met eventuele beperkingen die extra schoonmaak noodzakelijk maken. Huisdieren Voor vervuiling door gewone huisdieren wordt geen extra hulp toegekend. Erkende hulphonden worden gezien als hulpmiddel; de extra vervuiling die daardoor ontstaat kan wel leiden tot meer schoonmaak. Kenmerken van de woning Het Wmo-loket verwacht dat een woning toegankelijk, praktisch ingericht en opgeruimd is, zodat ondersteuning efficiënt kan worden geboden. Veel losse accessoires of moeilijk schoon te maken materialen maken de schoonmaak zwaarder; van de cliënt wordt daarom verwacht dat dit zoveel mogelijk wordt beperkt. Extra inzet door de kenmerken van de woning komt alleen in zeer uitzonderlijke situaties voor. Een grotere woning, binnendeuren met glas of paneeldeuren zijn geen aanleiding om meer hulp toe te kennen. Grote oppervlakte van de ruimtes kan meer tijd vergen om bijvoorbeeld stof te zuigen, maar kan het stofzuigen ook makkelijker maken omdat er meer ruimte is om om meubels heen te werken.

Rechtspraak bij dit artikel