Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2

Aanspraak op ondersteuning

Onderdeel van Beleidsregels Re-integratie Participatiewet gemeente Son en Breugel 2026

Het college biedt ambtshalve aan bijstandsgerechtigden een voorziening aan, wanneer deze naar het oordeel van het college noodzakelijk is voor de arbeidsinschakeling en/of een blijvende verbetering van de arbeidsmarktpositie. Wanneer arbeidsinschakeling (nog) niet haalbaar is, wordt ondersteuning ingezet voor het vergroten van de mogelijkheden tot arbeidsinschakeling dan wel maatschappelijke participatie. Onder maatschappelijke participatie vallen onder meer vrijwilligerswerk, taal- of integratie bevorderende activiteiten, deelname aan bewonersinitiatieven of andere maatschappelijk nuttige activiteiten. De ondersteuning wordt in beginsel vormgegeven in samenspraak met de belanghebbende, waarbij in een gesprek wordt verkend welke voorziening of welk traject passend is op basis van de mogelijkheden, belemmeringen en ambities van de belanghebbende. Het college gaat uit van de goedkoopste adequate voorziening. Het college beoordeelt of de ondersteuningsvraag valt onder de Participatiewet. Als een voorziening op grond van een andere wettelijke regeling, zoals de Wet maatschappelijke ondersteuning, meer passend is, wordt de ondersteuningsvraag overgedragen. Een belanghebbende kan kosteloos gebruikmaken van onafhankelijke cliëntondersteuning. Het college wijst de belanghebbende actief op deze mogelijkheid.

Rechtspraak bij dit artikel