Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 7.

Artikel 7.4.

Soortenbescherming

Onderdeel van Uitvoeringsprogramma VTH gemeente Vlissingen 2026

Regionale prioriteit Subdoel Indicatoren (streefwaarde) Soortenbescherming Bescherming van planten- en diersoorten Minder meldingen niet naleving van vergunningen en/of voorwaarden bij een melding Toepassing mitigerende maatregelen bij dorpsbossen Hoe gaat het nu? In het geval van vergunningverlening wordt getoetst of het initiatief kan leiden tot aantasting van natuurwaarden. Deze toetsing kan gebeuren middels een Quickscan flora en fauna of ecologische rapporten. Bij complexere of grotere initiatieven wordt hiervoor het advies van de provincie gevraagd. Indien bij een initiatief dieren gedood worden, hun rust- en verblijfplaatsen worden vernield of planten vernield worden, dient initiatiefnemer een omgevingsvergunning voor een Flora- en fauna-activiteit aan te vragen bij Provincie Zeeland. Wat gaan we doen om het doel te bereiken? De Provincie Zeeland zet vooral in op het zoveel mogelijk regelen van ingrepen via faunabeheerplannen en vergunningen. Daarbij stelt de provincie vanaf 2026 een jaarplan Natuurtoezicht op in samenwerking met RUD Zeeland. De specifieke maatregelen zijn na te lezen in het Uitvoeringsprogramma 2026 VTH van de Provincie Zeeland. Soortenbescherming geldt voor de gehele stad en ziet onder meer op gebouwbewonende soorten zoals huismussen, gierzwaluwen en dwergvleermuizen en op alle inheemse vogels tijdens het broedseizoen. Wij vragen aandacht bij ruimtelijke ontwikkelingen, evenementen en bouw- of isolatiewerkzaamheden bij vergunningverlening.

Rechtspraak bij dit artikel