De burgemeester is verplicht de belanghebbende voorafgaand aan het besluit te horen (art. 4:8 Awb). Dit horen is vormvrij en kan zelfs telefonisch gebeuren. Uitzonderingen op deze hoorplicht, zoals genoemd in artikel 4:11 Awb, zijn met name van toepassing bij een gebiedsontzegging van korte duur (bijvoorbeeld 48 uur of minder) en een gebiedsontzegging tijdens een evenement. Het vragen om een reactie is hier in beginsel ‘mondeling en direct’.
In de zogenaamde “vooraanschrijving gebiedsontzegging” wordt aangegeven waarom de burgemeester van plan is om een verbod op te leggen. Tevens wordt een termijn genoemd waarbinnen betrokkene, mondeling of schriftelijk, een reactie (zienswijze) op dit voorgenomen besluit kan geven.
Na het verstrijken van de termijn voor het indienen van een zienswijze, besluit de burgemeester of de gebiedsontzegging daadwerkelijk opgelegd wordt. Bij deze besluitvorming wordt de eventuele ingebrachte zienswijze in de beoordeling meegewogen. In het besluit geeft de burgemeester aan of er een zienswijze is ingediend, wat deze zienswijze inhoudt en wat hij met deze zienswijze bij de besluitvorming heeft gedaan. De ingebrachte zienswijze kan een aanleiding zijn om anders dan het voornemen te besluiten.
Hoofdstuk
Artikel 7.
Zienswijze
Onderdeel van Beleidsregel gebiedsontzeggingen en gebiedsverboden 2026