Naar hoofdinhoud
1.. Onder politieke ambtsdrager worden verstaan: de burgemeester, de leden van het college, de raadsleden en de burgercommissieleden. 2.. In gevallen waarin dit protocol niet voorziet of waarbij de toepassing niet eenduidig is, wordt de handelwijze bepaald door het seniorenconvent als het gaat om een melding over de burgemeester en door de burgemeester in alle overige gevallen. Artikel 13 leden 5 t/m 7 zijn hierop van overeenkomstige toepassing. 3.. Bij het gebruik van dit protocol zijn de gedragscodes voor de raads- en burgercommissieleden, collegeleden en de burgemeester het uitgangspunt. 4.. Onder externe integriteitsdeskundige wordt verstaan de onderzoeker of het onderzoeksbureau die in opdracht van de burgemeester onderzoek doet naar aanleiding van een melding van schending of een incident. 5.. Onder een schending wordt verstaan een gedraging van een politieke ambtsdrager die in strijd is met het handelen als ‘goed bestuurder’ of ‘goed volksvertegenwoordiger’. Het kan gaan om feiten die in strijd zijn met de wet, dan wel om handelingen die in strijd zijn met geldende regels, waaronder de reglementen, verordeningen en gedragscodes van de gemeente Landgraaf. Om te weten of sprake is van een schending is het goed om te weten wat als schending wordt gezien. Voorbeelden van schendingen zijn: Kader: Voorbeelden van schendingen Financiële schendingen, zoals diefstal; verduistering; fraude en onrechtmatige declaraties. Misbruik van positie en belangenverstrengeling, zoals ongeoorloofde nevenactiviteiten; ongeoorloofde financiële belangen; omkoping; vragen van giften, geschenken, uitnodigingen e.d.; ongewenste contacten; meestemmen over een onderwerp uit persoonlijk belang; cliëntelisme of andere vormen van ongeoorloofde bevoordeling. Lekken en misbruik van informatie, zoals politieke of bestuurlijke informatie die geheim of vertrouwelijk is (doen) lekken; persoonsgebonden gegevens (doen) lekken; informatie over aanbestedingen, offertes, e.d. openbaar maken; diefstal of verduistering van informatiedragers; onzorgvuldige omgang met informatiedragers. Misbruik van bevoegdheden, zoals misbruik van dwangmiddelen; meineed; valsheid in geschrifte; Oneigenlijk verlenen of onthouden van vergunningen, subsidies, e.d. Misbruik van bedrijfsmiddelen, zoals ongewenst gebruik van e-mail of internet; misbruik van (mobiele) telefoon; privégebruik van bedrijfsmiddelen. Ongewenste omgangsvormen, zoals discriminatie; seksuele intimidatie; pesten, treiteren; andere vormen van verbale intimidatie, zoals grof taalgebruik of bedreiging; fysieke bedreiging of geweld. Bovenstaand overzicht is niet uitputtend en ook wordt uiteraard niet aan elke schending eenzelfde gewicht toegekend. Ook de context en de intentie van het gedrag is verschillend. Er kan sprake zijn van een opzettelijke schending, maar ook van een schending uit onbekendheid of naïviteit. Het kan gaan om een eenmalige misser of om stelselmatig laakbaar gedrag.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel